vrijdag 22 maart 2013

Proeverij KCWS 21-03-2013: Highlights from Japan

Opnieuw een proeverij van de KCWS te Haarlem. Eigenlijk zou deze moeten heten "Deconstructing Hibiki 17" want dat was het doel van de avond.
De KCWS had speciaal voor deze proeverij een Japanner naar Haarlem laten komen, en niet zomaar een willekeurige Japanner maar om precies te zijn de heer Tatsuya Minagawa van Suntory.

Tatsuya Minagawa (links)
Allereerst kregen we een korte inleiding over het ontstaan van de whisky-industrie in Japan en die van Suntory in het bijzonder. Zo leerden we onder andere dat Suntory 3 distilleerderijen heeft (Yamazaki, Hakushu en Chita) die allemaal een eigen stijl produceren en dat Chita alleen graan whisky produceert. Hibiki is de merknaam van de blends van Suntory.
Volgens Tatsuya zijn de 3 keywords van Suntory: 'Subtle, refined & complex', hier moet alle whisky aan voldoen.

De Hibiki 17yrs is het eindproduct en aan de hand van 6 samples kregen we te zien hoe men tot dit product komt. Al deze samples zijn niet te koop, het is een half-fabrikaat, geproduceerd alleen voor de blend en alle samples zijn minimaal 17 jaar en op 50% ABV.
Samples voor de proeverij en de Hibiki 17yrs.

Als eerste sample een Yamazaki white oak gerijpt in een Puncheon. Bijgaand kregen we het verhaal dat in Japan hoofdzakelijk Puncheon vaten gebruikt worden. Deze zijn dikker dan een bourbonvat en korter dan een sherryvat. De reden hiervoor is dat in Japan door het klimaat (koude winters, hete zomers) de angels-share tot wel 5% per jaar kan oplopen. Ter vergelijk; in Schotland is dit 1,5 a 2% per jaar. Door grotere vaten te gebruiken kan men dit een beetje in de hand houden, rond 3% per jaar.
Dit sample beviel mij niet erg; een beetje zurig van smaak, wel veel vanille en toffee in de smaak.


Het tweede sample kwam van de Chita distillery; een grain whisky dus. Deels geproduceerd in een potstill en deels in een coffeystill.
Zachter dan het eerste sample, zoeter, meer geur en 'voller' van smaak.
Multitasking op z'n Japans: schenken en praten tegelijk.
Het derde sample kwam weer van Yamazaki, dit maal gerijpt in een Mizunara-vat. Mizunara is een boomsoort die in Japan en China veel voorkomt en familie is van de Eik. Daar waar een Amerikaanse eik circa 50-60 jaar nodig heeft om volwassen te worden en de Europese eik 30 jaar langer, heeft de Mizunara 200 tot 250 jaar nodig. Het hout is ook dichter en sterker en de vaten (puncheon) die hiervan gemaakt worden hebben niet de karakteristieke bult in het midden omdat het hout moeilijk te buigen is. In tegenstelling tot de bourbon- en sherry-vaten wordt de binnenkant van een Mizunara-vat niet gebrand.
Tastingnotes: donker, zoet, beetje sherry, kruidig.
Mizunara-vat
Bijpassende hapjes in de pauze.

Sample nummer 4 kwam van de Hakushu distillery en is een beetje 'smokey'. Dit is een belangrijk bestanddeel van de Hibiki blend. Japanse distilleerderijen kopen de malt kant en klaar in (uit Schotland...) en ze hebben dan ook de keus uit peaty en non-peated malt. Bij Hakushu wordt een mix van peated en non-peated gebruikt en het resultaat is een licht rokerige spirit, niet de sterke rook zoals die van Islay-whisky.
Doordat de Hakushu distillery op circa 700 meter boven zeeniveau ligt kunnen hier hoofdzakelijk bourbonbarrels gebruikt worden zonder dat de angels-share uit de hand loopt.
De vanille van de bourbonbarrels komt goed over, heel licht een rookgeurtje waarneembaar.


Nummer 5 kwam weer van Yamazaki en dit maal gerijpt in een sherry-vat. Verder kregen we een korte uitleg over de distilleerderij. In tegenstelling tot Schotse distilleerderijen waar alle stills dezelfde vorm hebben,  heeft Yamazaki 6 verschillende stills en de spirit uit iedere still gaat apart in een vat. Hierdoor kan iedere distillery heel veel verschillende soorten whisky produceren.
Dit sample vond ik erg lekker, hier had ik wel een paar flessen van willen hebben.
Verschillende stills bij Yamazaki

Het laatste sample kwam van Hakushu en eveneens gerijpt in een sherry-vat. Ook hier is weer een licht peaty malt gebruikt.
En deze vond ik nog lekkerder dan de vorige. Iets lichter van smaak, meer geur, licht rokerig (wat ik normaal met sherry een slechte combi vind) en erg complex. Mag ik hier een heel vat van svp?


Het slotstuk was dan de Hibiki 17 yrs zoals die gewoon in de winkel staat. Als je alle voorgaande samples in de juiste verhouding bij elkaar zou doen, zou je in theorie deze blend krijgen.
Bij Schotse blends is de verhouding grain-malt ongeveer 70-30% (hoe goedkoper de blend; hoe groter het aandeel grain-whisky) maar bij Suntory is deze verhouding volgens Tatsuya ongeveer 50-50%.
Erg zachte en beetje zoete blend, maar minder zoet dan de meeste schotse blends. De key-words 'Subtle, refined & complex' zijn hier zeker op van toepassing.


Conclusie: leuke avond en zeker geen 'Suntory-verkoopverhaal' maar een goed verhaal over het produceren van een blend en alles wat daar bij komt kijken. Het Engels ('Engrisch') van de heer Tatsuya Minagawa was soms wat moeilijk te volgen maar toch zeer vermakelijk, met Bill Murray erbij zou het helemáál lachen zijn geweest.




woensdag 6 maart 2013

Japans

Japanners maken alles na... zeggen ze. En dus ook whisky. Maar is dat wel zo? Bekend is dat sinds de Japanners auto's, motoren en elektronica gingen maken, dit in eerste instantie kopieën waren van westerse producten. Maar gaandeweg werd een en ander verbeterd en binnen de kortste keren waren de Japanse producten betrouwbaarder, goedkoper en gewoonweg beter dan de Europese en Amerikaanse producten  (toch???).

Geldt dat dan ook voor whisky? Nou, goedkoper is Japanse whisky zeker niet en of de ene whisky beter is dan de andere blijft een kwestie van smaak.

Tegenwoordig is Japan na Schotland en de VS het derde land qua whisky-productie, zelfs nog vóór Ierland wat over het algemeen de bakermat van whisky wordt gezien.


De meeste Japanse whisky wordt gemaakt is de Schotse stijl, kortweg gezegd van gemoute gerst en twee keer gedestilleerd in koperen ketels waarna de whisky een aantal jaren rijpt in eiken houten vaten. Japanse whisky wordt net als Schotse geschreven zonder de 'e'.

Het verhaal gaat dat aan het einde van de 19e eeuw enkele Japanners afreisden naar Schotland, om daar de kunst van het whisky stoken af te kijken. Na jarenlang gewerkt te hebben voor de beste Schotse distilleerderijen keerden ze terug naar huis. Daar begonnen ze met het stoken van kwalitatief hoogwaardige Japanse whisky’s. De productie was de eerste decennia kleinschalig en gericht op de thuismarkt, maar het duurde niet lang voordat producenten professioneler en commerciëler werden. Tegenwoordig, nauwelijks 80 jaar na de geboorte van de allereerste Japanse whisky, staan Japanse distilleerders wereldwijd bekend om de kwaliteit en elegantie van hun whisky’s.

De Japanse whisky lijkt qua stijl erg op Schotse whisky. Er is echter wel een groot verschil. In Japan gebruiken distilleerders voor blends en single malts eigenlijk nooit whisky van andere distilleerderijen, alleen van hun eigen distilleerderij. Schotse whiskyproducenten gebruiken voor hun blends meestal een mengsel van single malt & grain whisky van verschillende distilleerderijen. De Japanse distilleerders hebben dus een veel beperktere keuze aan whisky dan hun Schotse tegenhangers. Om dit te compenseren produceren ze zelf meerdere types whisky, soms onder hetzelfde merk of label. Iets wat je bij Schotten nooit zal zien.
Het graan wordt overigens grotendeels geïmporteerd. Verder maken de Japanners net als de Schotten gebruik van zowel bourbon-barrels als sherry-vaten voor het rijpen van de whisky.



Er zijn maar een paar whiskyproducenten in Japan, en enkele zijn eigenaar van meerdere destilleerderijen:

Suntory, eigenaar van Yamazaki, Hakushu, Chita en Hibiki. Hibiki is het merk voor de blends, Chita voor de grain-whisky en Yamazaki en Hakushu voor de single malts.

Nikka, eigenaar van Yoichi, Miyagikyo, Taketsuru en Nikka. Nikka en Taketsuru zijn de merken voor de blends, Yoichi en Miyagikyo voor de single malts.

Kirin, eigenaar van Fuji-Gotemba en Karuizawa.

Hanyu, single malt whisky, distilleerderij gesloten.

Chichibu, single malt whisky.

Shinshu, single malt whisky.

White Oak, single malt en blended whisky.

Het verhaal gaat dat een aantal Japanse distilleerderijen hun stills in Schotland hebben laten maken en dat ze, naar Japans gebruik, de stills naar eigen idee 'verbeterd' hebben. Iedere distillery in Schotland zal vertellen dat de stills die ze gebruiken uniek is vanwege de lange nek, de positie van de lyne-arm, de afmeting van de ketel etc. De Japanners hebben een aantal van deze features in één distillery zodat iedere distillery verschillende stijlen whisky kan produceren. Die dan ofwel als blend of als single malt verkocht wordt.

De verkrijgbaarheid van Japanse whisky in Europa is niet erg groot, en als het al te vinden is, is de prijs vrij hoog. De Hibiki blends en de Yamazaki's zijn bij de betere slijter nog wel te vinden tegen een acceptabele prijs. Ook de Nikka merken zijn nog wel acceptabel geprijsd, vrijwel alleen via webwinkels verkrijgen, maar bij de slijter om de hoek en zelfs de 'betere' slijters bijna niet te vinden.
Qua prijs, een vergelijk: een Karuizawa 15yrs DB 40% kost al gauw rond de 170 euro, terwijl een Dalmore 15yrs DB 40% rond de 45 euro zit...


Maar is het ook goed?

De enige Japanse whisky die ik tot nu toe geproefd heb zijn de Hibiki blends 12 en 17 yrs. en de Yamazaki 10yrs. Deze laatste vind ik erg lekker, erg bloemig qua smaak en geur als een speysider en gevaarlijk drinkbaar. Ook eens op een proeverij een Hanyu geproefd, gesherried met lichte zwavel in geur en nasmaak wat 'm een scherp randje geeft, niet iets voor alledag.


声援!



donderdag 7 februari 2013

Proeverij BMW GS-club 02-02-2013

Huh, een whisky proeverij van een motorclub? Jazeker, dat kan!

Net als voorgaande jaren was huize Dorst de locatie. Organisator Rob was afwezig en de back-up in de vorm van Pieter ontbrak ook met als gevolg dat uw blogger de honneurs moet waar nemen.
Rob had wel een mooie serie whiskies verzorgt zodat er genoeg te genieten viel.

Uiteraard moest er eerst gegeten worden, Hans had een perfecte maaltijd verzorgt met gerechten waarin whisky verwerkt zat. In het voorafje een Highland Park en in het hoofdgerecht een Jura.
Overheerlijk!



En dan de whisky's: we begonnen met een Auchentoshan 11yrs Hart Brothers. Prima whisky om een avond mee te beginnen. Bourbon cask, 46%, een goede en degelijke whisky. Wegens gebrek aan voorbereiding mijnerzijds kon ik niet heel veel anders vertellen dat Auchentoshan distillery vlak bij Glasgow gelegen is en dat het onder de Lowlands valt.
Tasting notes: fris, vanille, bloemig en kruidig.
Punten: 'ergens laag in de 80' (ik heb het niet ter plekke bijgehouden...)

De volgende was een Hazelburn Sauternes 8 yrs. Vijf jaar in een bourbon vat en drie jaar in een Sauternes vat. Hazelburn is een merk van Springbank en wordt, net als Auchentoshan 3 x gedestilleerd en is afkomstig uit de Campbeltown-regio.
Tasting notes: lekkere donkere whisky, vrij jong en scherp maar de Sauternes finish geeft 'm veel kracht. Wat langer (zeg 12 jaar) in het bourbon vat was waarschijnlijk beter geweest en dan 3 jaar in het Sauternes vat. Bottelen op 15 jaar. Maar toch, ik houd hier wel van al waren de meningen binnen de groep wel verdeeld.
Punten: 'ergens hoog in de 80/ laag in de 90'

De derde werd de Jura 14yrs. En een combi van onafhankelijke bottelaars, Gordon & MacPhail botteling, selected by Van Wees.
Gelegen op het Isle of Jura is het een buurman van Islay maar totaal anders van karakter, veel minder peaty.
Tasting notes: vrolijk, fris en fruitig maar heeft verder weinig indruk gemaakt.
Punten: 'ergens laag in de 80'.

Daarna weer terug naar de Lowlands en weer een Auchentoshan, gebotteld door de Creative Whisky Company in de Exclusive Malts serie.
Tasting notes: goede botteling, beter dan de standaard range van deze distillery.
Punten: 'ergens hoog in de 80'

Vervolgens werd de Highland Park open gemaakt. Opnieuw een Gordon & MacPhail botteling.
Tasting notes: vrij fris, vanille, licht peaty.
Punten: 'ergens hoog in de 80'

Voordat we naar de finale gingen in de vorm van enkele very peaty whiskies werd er een speciale inbreng van Marino geopend: een Glenlivet XXV uit een fraai houten kistje. Toch wel iets bijzonders (waarvoor dank!) en speciaal hiervoor werden de glaasjes even omgespoeld.
Tasting notes: zoetig, noten, vanille, honing, rozijnen. Duidelijk de invloed van de oloroso sherry te proeven en beter in balans dan de Hazelburn van deze avond. Toch jammer van die 43%, op cask strength was beter geweest.
Punten: 'laag in de 90'



Dan de finale, eerst de Port Askaig 12yrs. Port Askaig is één van de havens op Islay (de andere is Port Ellen) en de distillery die hier staat is die van Caol Ila. Bottelaar Speciality Drinks Ltd. brengt Caol Ila uit onder de naam Port Askaig. De Cask Strength editie van een paar jaar geleden is één van mijn favorieten (niet meer verkrijgbaar helaas...) dus ik was wel benieuwd hiernaar.
Tasting notes: peaty, fris en helder. Niet de kruidige ondertoon die de CS versie wél had, jammer.
Punten: licht tegenvallend, 'laag in de 80'.

Traditioneel worden de proeverijen van de GS-club afgesloten met een Blackadder Raw Cask botteling, zo ook nu: de Undisclosed Smoking Islay.
Tasting notes: olie-achtig, teer, houtskool, peat, heel veel peat.
Punten: 'halverwege de 80'



Conclusie: Weer een top-avond! Leuke mensen, lekker eten (!), goede service van huize Dorst! (waarvoor heel veel dank!) en lekkere whisky's. Jammer dat ik niets had kunnen voorbereiden want ik denk dat ik wel een proeverij kan leiden, was een hoe dan ook leuke test. Topper van de avond de Hazelburn Sauternes met de Glenlivet XXV als goede tweede, maar die valt buiten mijn budget.

Whisky's 
Auchentoshan 1999 Hart Brothers 11 years, 46%
Hazelburn 2002 Sauternes Finish Distillery Botteling, 8 years 55,9%
Isle of Jura 1995 Gordon & MacPhail, 14years Selected by Van Wees, 57,8%
Auchentoshan 1998 Creative Whisky Company, Exclusive Malts, 13 years, 56,5%
Highland Park 2001 Gordon & MacPhail, Cask Strength 11 years, 57,7%
Glenlivet XXV batch 40347, Distillery Botteling, 43,0%
Port Askaig (Caol Ila) Speciality Drinks Ltd, 12 years, 45,8%
UD Smoking Islay Blackadder Raw Cask 2010, 10 years, 59,6%

dinsdag 5 februari 2013

Proeverij KCWS 01-02-2013: A Walk Through Dufftown

Regelmatig worden er diverse proeverijen georganiseerd en een aantal bezoekt uw blogger natuurlijk ook! Ik ga proberen dit een beetje bij te houden en er een verslagje van te maken.

De eerste van 2013 was die van de King's Court Whisky Society (KCWS), een whiskyclub in Haarlem. In de bibliotheek van het Rosenstock-Huessy huis gelegen in het oude centrum van Haarlem werd de proeverij gehouden. Het was voor mij de eerste keer en het was een beetje zoeken in de stad maar uiteindelijk toch gevonden.
Een grote tafel was opgesteld en bij iedere zitplaats een zevental glaasjes die door enkele leden van de club gevuld werden. Een geprint A4-tje als placemat gaf uitleg over de proeverij.

Plattegrond van Dufftown
Thema van deze avond: A walk through Dufftown. Dufftown is gelegen in het hart van de Speyside-regio en aan de hand van een virtuele wandeling (die ook fysiek overigens te maken is) worden een zevental distilleerderijen bezocht.

De eerste in de rij was Kininvie vertegenwoordigd door de Monkey Shoulder Blended Malt (voorheen: Vatted Malt). Niet helemaal correct want deze distillery is gesloten in 2010 en het was eigenlijk nooit een zelfstandige distillery, oorspronkelijk werd het gebouwd als 'back-up' voor de Balvenie en Glen Grant distilleries en er is nooit een single malt onder de naam Kininvie op de markt gebracht. Tegenwoordig gaat de voorraad op in de Monkey Shoulder Blended Malt.
Tastingnotes: een degelijke blended malt, vergelijkbaar met een Balvenie single malt, fruitig, noten en honing. Degelijk maar geen hoogvlieger maar zeker bang-for-your-buck.
Punten: 80/100

Een deel van de line-up
Daarna ging het naar de Single Malts: The Singleton of Dufftown 12 yrs. Eigendom van Diageo en gebottled onder het Singleton-merk. Net als de Flora & Fauna serie een 'merk' binnen een concern waaronder diverse single malts worden gebottled.
Dufftown distillery produceerd hoofdzakelijk voor de Diageo-blends maar er word een kleine serie single malts op de markt gebracht.
Tastingnotes: geen hoogvlieger, Bourbon casks, vanille, muf.
Punten: 75/100

Na een korte pauze ging het verder met een tweetal 'iets betere' single malts, eerst een Balvenie 17yrs Double Wood. Gerijpt in zogenaamd Whisky Oak (wat is dat?) en Sherry Oak. Het etiket is anders dan we van Balvenie gewend zijn: rood/bruin in plaats van wit. Nieuwe stijl?
Tasting notes: Fruitig en bloemig, noten, honing, beetje chocola, vanille.
Punten: 86/100

Glaasjes gevuld
Daarna weer naar een Diageo merk: Mortlach 21 Gordon & Macphail. Ook weer zo'n distillery die hoofdzakelijk voor de Diageo blends produceert met af en toe een distillery-botteling onder het Flora & Fauna label.
Tasting notes: voor 21 jaar valt deze wat tegen, finish is wel wat langer.
Punten: 84/100

Na een korte pauze met leuke en lekkere hapjes weer verder voor de finale. Eerst een zeer bekend merk: Glenfiddich 15 Distillery Edition. Een vatting van Oloroso Sherry Casks en Bourbon Casks, vrij standaard eigenlijk deze mix. Glenfiddich is één van de grootste distilleries in Schotland en net als Balvenie en Kininvie eigendom van William Grant & Sons en de eerste die op grote schaal single malts op de markt bracht.
Tasting notes: de eerste op (bijna) cask strength deze avond. De sherry in de vatting geeft 'm net ff wat extra's maar het blijft een beetje in de middenmoot hangen.
Punten: 82/100

De laatste twee zijn weer van Diageo: eerst een Glendullan Berry Bros & Rudd 12yrs Royal British Legion. De opbrengst (of een deel daarvan) gaat naar de Britse oorlogsveteranen en op het label prijken een aantal Poppy's, kenmerk van de veteranen.
Ook Glendullan wordt soms onder het Singleton label op de markt gebracht maar dit is een botteling van Berry's. Cask Strength (past wel bij veteranen) en wat op viel; in eerste instantie heeft deze whisky bijna geen 'neus', er viel vrijwel niets te ruiken. Pas met een beetje water opent deze zich en valt er een heel bloemen- en heideveld waar te nemen, heel bijzonder.
Tasting notes: Single cask (Bourbon) en 12 jaar oud, goed en degelijk uitgevoerd maar niet meer dan dat.
Punten: 83/100

Verzameling kurken en schenktuitj
De finale was een Convalmore 24 Rare Malt. De Rare Malt Selection is het top-label van Diageo en hieronder worden hoofdzakelijk bottelingen van inmiddels gesloten distilleries op de markt gebracht, zoals bijvoorbeeld Port Ellen, Brora en dus ook Convalmore.
Gedistilleerd in 1978 en gebotteld in 2003 dus ondertussen al zo'n 10 jaar in de fles. Single cask, cask strength, 24 jaar oud, gesloten distillery, en een prijs die voor zo'n fles richting de €200,-  gaat. Kortom: alle 'specs' zijn aanwezig om dit een 'topper' te laten zijn.
Tasting notes: kruidig, vanille, honing, bloemig, het verhaal vertelt niet wat voor een vat er gebruikt is maar ik vermoed een bourbon vat.
Punten: 86/100



Lege dozen...




Conclusie: Ik heb zeker een leuke avond gehad! Leuke mensen gesproken, leuke locatie voor een proeverij en er staat nog het een en ander op de agenda voor dit jaar. De whisky's waren niet helemaal van het 'high-end' kaliber maar zeker de moeite waard.

Whisky's:
UD Monkey Shoulder, Blended Malt, Batch 27, 40%
Dufftown, Singleton of Dufftown, Distillery Botteling, 12 years, 40%
Balvenie, 17 year old Double wood, Single malt, 43%, Whisky Oak & Sherry Oak
Mortlach, Gordon & MacPhail Licensed Botteling, 2004, 21 years, 40%
Glenfiddich, 15Years Distillery Edition, Distillery Botteling, 2011, Oloroso Sherry & Bourbon Casks, 51,0%
Glendullan, Berry Bros & Rudd, Royal British Legion, 2012, 12 years, 58,8% single barrel 16546
Convalmore, Rare Malts Selection, 24 years, 2003, Distillery Botteling, 59,4%, single barrel.


dinsdag 15 januari 2013

Whisky van het jaar?

Zo rond de jaarwisseling krijg je overal en nergens de bekende jaaroverzichten en top-zoveel lijsten, en natuurlijk ook weer de huppeldepup van het jaar. Zo ook met whisky. Allerlei bekende en minder bekende figuren uit de whiskyindustrie en/of bloggers (...) produceren 'hun' overzicht van het afgelopen jaar en hun whisky of the year, of hoe het dan ook mag heten.

De vraag is dan natuurlijk: welk jaar? Kan een whisky gedestilleerd in, zeg 1971, en gebotteld in 2012, wel een whisky of the year 2012 zijn? Zou dat dan niet de w-o-t-y 1971 moeten zijn?

Ik snap ook wel dat dit wel erg moeilijk wordt, je zou dan je jaarlijkse lijstje bij iedere nieuwe botteling moeten bijstellen. Toch is het wel een punt.

Hoe dan ook, in dit blog zul je geen w-o-t-y aantreffen. Prima als anderen dat doen maar het blijft toch een persoonlijk point of view, en dat niet alleen: het is ook een momentopname. En het is als particulier ook niet te doen, je moet dan alle bottelingen die in de loop van het jaar op de markt gebracht worden proeven.

Tuurlijk, ik heb ook zo mijn favorieten maar om daar een lijstje aan te koppelen en die rond de jaarwisseling te publiceren: nee.

Martijn's Whisky of the year 1971: GlenDronach 25-02-1971 cask no. 483. 

Toppers op dit moment (in willekeurige volgorde uiteraard):
Glenfarclas 1995 Familycask nr. 3771 for Usquebaugh Society
Bruichladdich Infinity [3]
Port Charlotte An Turas Mor
UD Liddesdale AD Islay
GlenDronach 1971