In het najaar en in de winter worden er tegenwoordig regelmatig whisky-festivals georganiseerd.
Is dat wat, zo'n festival?
Zo heel veel ervaring met festivals heb ik niet, tot nu toe heb ik er een handje vol bezocht:
- Potstill Amersfoort (3x)
- Hielander Alkmaar (1x)
- Whisky Twente Hengelo (1x)
- Whisky Amsterdam (1x)
Bij entree ontvang je een proefglas (ervaren festivalgangers herken je aan zo'n glashouder die je om je nek kunt hangen), een flesje water en vaak een festivalboekje met de standhouders en soms met de whiskies die geproefd kunnen worden. Soms zijn de te proeven whiskies gratis (dwz: inbegrepen in de toegangsprijs), soms moet er een paar euro bijbetaald worden.
De ervaring hierin is m.i. wisselend: op bijvoorbeeld Potstill hoeft er vrijwel nergens iets bijbetaald te worden en is de toegangsprijs zeer redelijk. Op het Hielander festival is de toegangsprijs al fors, en dan moet er voor alles wat iets-meer-dan-standaard is, al bijbetaald worden.
Ondanks dat het wel gezellig is zo'n festival hou ik er toch vaak een 'zozo-gevoel' aan over. Het zijn toch vaan week dezelfde standhouders met vaak min of meer dezelfde whiskies, écht veel nieuwe dingen hoor je niet en proef je ook niet en dan is het ook vaak weer de kwestie van het bijbetalen. Soms moet je een soort muntjes hebben (waar je weer voor in de rij moet staan), en vaak is het gewoonweg niet duidelijk.
De "usual suspects" die op dit soort festivals vrijwel altijd aanwezig zijn, zijn:
- Anker Amsterdam Spirits (o.a. Pig's Nose, Sheep Dip)
- Boomsma (o.a. Glen Talloch, Old Pulteney, Balblair)
- De Monnink Dranken (o.a. Benriach, Glendronach)
- Diageo Nederland (o.a. Classic Malts, Johnnie Walker)
- Intercaves BV (o.a. Bowmore, Glen Garioch, Auchentoshan, Suntory)
- Kintra (onafhankelijk bottelaar)
- Maxxium Nederland (o.a. Macallan, Highland Park, Grouse, Laphroaig, Balvenie)
- Pernod Ricard (o.a. Aberlour, Glenlivet)
- Van Wees (onafhankelijk bottelaar)
- WIN (o.a. Kilchoman, First Cask, Adelphi)
- Zuidam (zelfstandig Nederlandse distilleerderij)
Al met al een goede doorsnee van datgene wat op whiskygebied in Nederland verkrijgbaar is bij de reguliere slijter. Verder zie je vaak stands met diverse hapjes (bonbons, kaas) en T-shirts, kleding en whiskybladen. En uiteraard is er altijd wel ergens een 'doedelzakker' aan het spelen...
Potstill Amersfoort
Uitzondering hierop vind ik het Potstill festival. OK, echt heel bijzondere whiskies zijn er vaak niet, al moet ik zeggen dat ik de standhouders van The English Whisky Co. en Sullivans Cove nog nergens anders ben tegen gekomen. Positief vind ik ook de aanwezigheid van Van Wees als bottelaar. De laatste keer dat ik er was, was er een goede aanwezigheid van Glenfarclas (met een Potstill festivalbotteling). Erg gezellig, daarom ben ik er al drie keer geweest.
Hielander Alkmaar
Als kersvers inwoner van Noord Holland moest ik natuurlijk ook naar het regionale festival. Mooie locatie ook hier (waarom zijn al die festivals toch in een kerk?), vrij hoge toegangsprijs en ook moest er voor alles-iets-meer-dan-standaard al relatief veel bijbetaald worden. Al met al gaf dit toch een wat mindere 'finish'. Ik denk niet dat ik hier nog eens naar toe ga.
Whisky Twente
Vrij klein qua opzet maar op zich wel gezellig. Opgezet door lokale/regionale slijters en waarbij het rijtje standaard drankenhandelaars en -importeurs aanwezig waren. Kans is klein dat ik (vanwege de verhuizing naar NH) hier nog eens terug kom.
Whisky Amsterdam
Dit was dit jaar (2012) voor mij de 1e keer dat ik hier kwam en ook hier wel een redelijk positief gevoel. De locatie is mooi, er kunnen sigaren geproefd worden in de kelder (niet gedaan overigens) en ook leuke standhouders. Mijn twee whiskyclubs waren ook allebei aanwezig, leuke stand van Maltstock (ook maar eens naar toe gaan) en het weerzien met de mensen van Loch Ewe was ook erg leuk. Nadeel: vrij hoge toegangsprijs. Volgend jaar weer? Wie weet.
Op de to-do-list:
WFNN
Het Whisky Festival Noord Nederland in Groningen heb ik al veel goede verhalen over gehoord. Ook dit weer in een kerk, misschien toch maar eens tijd voor maken om er naar toe te gaan.
Whisky & Rum aan Zee
Praktisch een lokale aangelegenheid, maar toch is het er nog niet van gekomen. Is niet in een kerk (...) en ik kan er op de fiets naar toe. Op 11 oktober 2014 staat de eerstvolgende editie op het programma.
woensdag 19 februari 2014
maandag 10 februari 2014
Vatted malts
Wat single malts zijn mag ondertussen wel bekend zijn; malt whisky van één distilleerderij. Blends daar in tegen zijn een mix malt whiskies én graan whiskies, en meestal van verschillende distilleerderijen.
Maar wat nu als je alleen malts mengt met andere malts? Dit noemt men tegenwoordig Blended malts. Of vatted malts. Of pure malts. Deze laatste twee benamingen mogen tegenwoordig officieel niet meer gebruikt worden wanneer het Schotse malts betreft. Maar omdat blended malts naar mijn mening te veel verwarring oplevert ten opzichte van de blends, hanteer ik de benaming Vatted Malts.
Als genoemd zijn vatted malts een mix van malt whiskies van meerdere distilleerderijen. Heel veel producenten zijn eigenaar van meerdere ditilleerderijen, bijvoorbeeld William Grants & Son is eigenaar van Balvenie, Glenfiddich en Kinninvie. De eerste twee worden ook als single malts op de markt gebracht. In de Kininvie distilleerderij wordt op dit moment geen whisky meer geproduceerd, maar er liggen nog wel veel vaten in de warehouses. Wanneer je dan vaten van deze drie malt whiskies bij elkaar doet, dan heb je een Vatted Malt. Grants doet dit en verkoopt dit onder de naam Monkey Shoulder.
Maar stel nou dat je een mix maakt van Port Charlotte, Octomore en Bruichladdich? Alle drie Islay whiskies, de eerste twee zijn peated, de laatste niet. Toch zou dit dan een single malt zijn want ze worden alle drie in de Bruichladdich distilleerderij geproduceerd.
Hetzelfde geldt voor Springbank, Longrow en Hazelburn. Een mix van deze drie (BankRowBurn?) kan als single malt op de markt gebracht worden. Wordt er echter een theelepel (bij wijze van spreken) Kilkerran toegevoegd (van dezelfde eigenaar), dan is het opeens weer een vatted malt. Want: andere distilleerderij.
Dit truukje wordt veel uitgehaald door distilleerderijen die willen voorkomen dat hun product door onafhankelijke bottelaars op de markt gebracht wordt, dit om de merknaam te beschermen. Je moet je voorstellen dat vaten van verschillende distilleerderijen door heel Schotland opgeslagen worden. Dit is om risico's van bijvoorbeeld brand in een warehouse te beperken, er gaat dan niet een enorme voorraad verloren. Nadeel hiervan is dat het zicht en controle op de vaten minder wordt. Om nu te voorkomen dat er toch vaten door onafhankelijke bottelaars op de markt gebracht worden, wordt er een theelepel van een andere distilleerderij in een vat gedaan zodat dit niet als single malt op de markt gebracht kan worden. Dit noemt men "Teaspoonen".
Bekende vatted malts zijn de "premium" versies van een gewone blend, denk hiervoor bijvoorbeeld aan Johnnie Walker Green Label of Famous Grouse 15yrs. Deze liften als het ware mee op de bekendheid van de gewone blends maar bieden dan iets extra's qua smaak en algemene beleving.
Toch schijnt het niet zo eenvoudig te zijn als het lijkt. Probeer maar eens een paar malts te mengen; het resultaat valt vaak tegen. Het schijnt dat graan whiskies in een blend de zaak beter binden waardoor de smaak verbeterd. Op de site vatted.net zie je een mooie lijst met omschrijvingen van de samenstelling van diverse vatted malts die die blogger zelf zijn samengesteld en de verhoudingen die gebruikt zijn.
Zelf heb ik, bij wijze van experiment (en met wisselend succes...), een paar vatted malts samengesteld:
- 1/2 Macallan 10yrs + 1/2 Laphroaigh CS 10yrs
- 1/2 Bladnoch 6yrs + 1/2 Glendronach 15yrs; (slechte combinatie)
- 1/3 Talisker 10yrs + 2/3 Caol Ila 12yrs; (goed)
- 2/3 Talisker 10yrs + 1/3 Caol Ila 12yrs; (goed)
- 1/3 Talisker 10yrs + 2/3 Glenfiddich 12yrs.
Maar wat nu als je alleen malts mengt met andere malts? Dit noemt men tegenwoordig Blended malts. Of vatted malts. Of pure malts. Deze laatste twee benamingen mogen tegenwoordig officieel niet meer gebruikt worden wanneer het Schotse malts betreft. Maar omdat blended malts naar mijn mening te veel verwarring oplevert ten opzichte van de blends, hanteer ik de benaming Vatted Malts.
Als genoemd zijn vatted malts een mix van malt whiskies van meerdere distilleerderijen. Heel veel producenten zijn eigenaar van meerdere ditilleerderijen, bijvoorbeeld William Grants & Son is eigenaar van Balvenie, Glenfiddich en Kinninvie. De eerste twee worden ook als single malts op de markt gebracht. In de Kininvie distilleerderij wordt op dit moment geen whisky meer geproduceerd, maar er liggen nog wel veel vaten in de warehouses. Wanneer je dan vaten van deze drie malt whiskies bij elkaar doet, dan heb je een Vatted Malt. Grants doet dit en verkoopt dit onder de naam Monkey Shoulder.
![]() |
| Black Bottle 10 years: een "premium" versie van de gewone Black Bottle. |
Hetzelfde geldt voor Springbank, Longrow en Hazelburn. Een mix van deze drie (BankRowBurn?) kan als single malt op de markt gebracht worden. Wordt er echter een theelepel (bij wijze van spreken) Kilkerran toegevoegd (van dezelfde eigenaar), dan is het opeens weer een vatted malt. Want: andere distilleerderij.
Dit truukje wordt veel uitgehaald door distilleerderijen die willen voorkomen dat hun product door onafhankelijke bottelaars op de markt gebracht wordt, dit om de merknaam te beschermen. Je moet je voorstellen dat vaten van verschillende distilleerderijen door heel Schotland opgeslagen worden. Dit is om risico's van bijvoorbeeld brand in een warehouse te beperken, er gaat dan niet een enorme voorraad verloren. Nadeel hiervan is dat het zicht en controle op de vaten minder wordt. Om nu te voorkomen dat er toch vaten door onafhankelijke bottelaars op de markt gebracht worden, wordt er een theelepel van een andere distilleerderij in een vat gedaan zodat dit niet als single malt op de markt gebracht kan worden. Dit noemt men "Teaspoonen".
Bekende vatted malts zijn de "premium" versies van een gewone blend, denk hiervoor bijvoorbeeld aan Johnnie Walker Green Label of Famous Grouse 15yrs. Deze liften als het ware mee op de bekendheid van de gewone blends maar bieden dan iets extra's qua smaak en algemene beleving.
![]() |
| JW Green Label: een van de bekendste vatted malts. |
Zelf heb ik, bij wijze van experiment (en met wisselend succes...), een paar vatted malts samengesteld:
- 1/2 Macallan 10yrs + 1/2 Laphroaigh CS 10yrs
- 1/2 Bladnoch 6yrs + 1/2 Glendronach 15yrs; (slechte combinatie)
- 1/3 Talisker 10yrs + 2/3 Caol Ila 12yrs; (goed)
- 2/3 Talisker 10yrs + 1/3 Caol Ila 12yrs; (goed)
- 1/3 Talisker 10yrs + 2/3 Glenfiddich 12yrs.
zondag 26 januari 2014
Proeverij KCWS 24-01-2014: Blond versus Brown
Nee, het heeft niets te maken met haarkleur maar wel alles met vatrijping. Whisky van de zelfde distilleerderij gerijpt op een ex-bourbon vat versus gerijpt op een ex-sherry vat. Geen finishes maar gewoon weggelegd op een vat en daarna jaren met rust gelaten. Deze keer dus maar 3 distilleerderijen maar natuurlijk wel 6 whisky’s.
De eerste whisky’s komen van het niet erg bekende Glenglassaugh. Die onbekendheid is niet zo vreemd, Glenglassaugh is een van die distilleerderijen die in 1983-1986 tijdens de laatste grote periode van overproductie werd gesloten. Pas in 2007 ging Glenglassaugh weer open en 16 december 2008 ging de eerste spirit op vat. De whisky, Glenglassaugh Evolution en Revival, die we gaan proeven is dus nog een jonge whisky.
De eerste is dus een "blonde", de Glenglassaugh Evolution, 50%. Een jonge whisky, ongeveer een jaar of 5 oud, al staat het niet op de fles.
Neus: vanille, citrus. Fris.
Smaak: scherp, veel citrus. Merkbaar een jonge whisky, duidelijk onvolwassen en erg 'spirit-driven'. Prima om een avond mee te beginnen maar geen hoogvlieger. Zou 'm zelf ergens laag in de 70 punten geven.
De "brown" die er op volgt is de Glenglassaugh Revival, 46%.
Neus: waterig, merkbaar lager in alcohol (46%) dan de vorige (50%). Noten en rozijnen, beetje (sigaretten)rook.
Smaak: Steviger als verwacht afgaande op de neus. Toch nog steeds erg 'spirit-driven', meer jaren in het vat zou een stuk beter zijn. Punten: rond de 75.
Tussendoor volgen een paar hapjes. Deze keer een schijfje bloedworst met een stukje appel met kaneel. Beetje warm en erg lekker. Ze zijn dan ook snel op.
Linkwood is één van die whisky’s die door eigenaar Diageo bijna alleen voor blends gebruikt word. Voor een vergelijking tussen een blond en een brown fles is het dan ook leuk om te zien wat onafhankelijke bottelaars met deze whisky doen. Bijna hetzelfde alcohol percentage en bijna dezelfde leeftijd maken een vergelijking nog leuker.
De "blonde" is een botteling van Signatory, 13yrs, 46%. Een onafhankelijke botteling uit 3 bourbonvaten.
Neus: lekker volle neus, citrus en vanille, beetje muf, appels, grassig en behanglijm. Toch wel lekker.
Smaak: beetje waterig en zwak, afgaande op de volle neus valt dit een beetje tegen. Niet heel erg bijzonder.
Punten: tussen 75 en 80.
De "brown" is ook van een onafhankelijke bottelaar, Gordon & MacPhail, 15yrs. 43%.
Neus: matig, typische sherrytonen zijn wel aanwezig.
Smaak: erg zoet, ook weer een beetje gebrek aan alcohol waardoor deze weer waterig overkomt.
Punten: rond de 80.
De volgende ronde hapjes zijn eetbare bakjes met een garnalensalade. Erg lekker weer.
Aberlour staat bekend om zijn ex-sherry vat gerijpte whisky. De meest expressieve Aberlour is de Aberlour A’bunadh uitsluitend gerijpt op ex Oloroso-sherry vaten. Daar tegenover komt een single cask botteling, tijdens een bezoek aan de distilleerderij getapt uit een ex-bourbon vat.
De "blonde" van Aberlour is de Warehouse no. 1 botteling, bourbon cask. Zelf heb ik in 2012 voor de sherry-cask gekozen maar dit is dus die andere.
Neus: volle neus, typisch bourbon-cask. Deze is cask-strength dus zeker niet waterig.
Smaak: volle en zoute smaak, erg lekker, heeft wel een beetje water nodig.
Punten: rond de 85, misschien wel boven de 90.
De "brown" is er één van een bekende serie, de A'bunadh, batch 45 deze keer.
Neus: typisch sherry, the works. Soms wat muf.
Smaak: conform het bekende A'bunadh smaakprofiel, zware sherry-tonen dus.
Punten: rond de 90.
Als laatste hapje een hartige cup-cake, van kaas en ham. Erg lekker en vergeten er een foto van te maken.
De afsluiter van de avond is een extraatje vanwege de verjaardag van Tastemaster Peter: een Caol Ila G&M. Een beetje de uitzondering want deze is peated.
Neus: peat, maar niet zo agressief. Na 17 jaar in het vat zijn de scherpe kantjes er wel van af. Deze is finished in Madeira casks wat 'm nog wel wat extra's geeft.
Smaak: relatief zacht voor een peated.
Punten: rond de 85.
Leuke avond weer, erg gezellig gekletst met diverse mensen. De Aberlour bourbon-cask was voor mij de verrassing van de avond.
De eerste whisky’s komen van het niet erg bekende Glenglassaugh. Die onbekendheid is niet zo vreemd, Glenglassaugh is een van die distilleerderijen die in 1983-1986 tijdens de laatste grote periode van overproductie werd gesloten. Pas in 2007 ging Glenglassaugh weer open en 16 december 2008 ging de eerste spirit op vat. De whisky, Glenglassaugh Evolution en Revival, die we gaan proeven is dus nog een jonge whisky.
De eerste is dus een "blonde", de Glenglassaugh Evolution, 50%. Een jonge whisky, ongeveer een jaar of 5 oud, al staat het niet op de fles.
Neus: vanille, citrus. Fris.
Smaak: scherp, veel citrus. Merkbaar een jonge whisky, duidelijk onvolwassen en erg 'spirit-driven'. Prima om een avond mee te beginnen maar geen hoogvlieger. Zou 'm zelf ergens laag in de 70 punten geven.
De "brown" die er op volgt is de Glenglassaugh Revival, 46%.
Neus: waterig, merkbaar lager in alcohol (46%) dan de vorige (50%). Noten en rozijnen, beetje (sigaretten)rook.
Smaak: Steviger als verwacht afgaande op de neus. Toch nog steeds erg 'spirit-driven', meer jaren in het vat zou een stuk beter zijn. Punten: rond de 75.
Tussendoor volgen een paar hapjes. Deze keer een schijfje bloedworst met een stukje appel met kaneel. Beetje warm en erg lekker. Ze zijn dan ook snel op.
Linkwood is één van die whisky’s die door eigenaar Diageo bijna alleen voor blends gebruikt word. Voor een vergelijking tussen een blond en een brown fles is het dan ook leuk om te zien wat onafhankelijke bottelaars met deze whisky doen. Bijna hetzelfde alcohol percentage en bijna dezelfde leeftijd maken een vergelijking nog leuker.
De "blonde" is een botteling van Signatory, 13yrs, 46%. Een onafhankelijke botteling uit 3 bourbonvaten.
Neus: lekker volle neus, citrus en vanille, beetje muf, appels, grassig en behanglijm. Toch wel lekker.
Smaak: beetje waterig en zwak, afgaande op de volle neus valt dit een beetje tegen. Niet heel erg bijzonder.
Punten: tussen 75 en 80.
De "brown" is ook van een onafhankelijke bottelaar, Gordon & MacPhail, 15yrs. 43%.
Neus: matig, typische sherrytonen zijn wel aanwezig.
Smaak: erg zoet, ook weer een beetje gebrek aan alcohol waardoor deze weer waterig overkomt.
Punten: rond de 80.
De volgende ronde hapjes zijn eetbare bakjes met een garnalensalade. Erg lekker weer.
Aberlour staat bekend om zijn ex-sherry vat gerijpte whisky. De meest expressieve Aberlour is de Aberlour A’bunadh uitsluitend gerijpt op ex Oloroso-sherry vaten. Daar tegenover komt een single cask botteling, tijdens een bezoek aan de distilleerderij getapt uit een ex-bourbon vat.
De "blonde" van Aberlour is de Warehouse no. 1 botteling, bourbon cask. Zelf heb ik in 2012 voor de sherry-cask gekozen maar dit is dus die andere.
Neus: volle neus, typisch bourbon-cask. Deze is cask-strength dus zeker niet waterig.
Smaak: volle en zoute smaak, erg lekker, heeft wel een beetje water nodig.
Punten: rond de 85, misschien wel boven de 90.
Neus: typisch sherry, the works. Soms wat muf.
Smaak: conform het bekende A'bunadh smaakprofiel, zware sherry-tonen dus.
Punten: rond de 90.
Als laatste hapje een hartige cup-cake, van kaas en ham. Erg lekker en vergeten er een foto van te maken.
De afsluiter van de avond is een extraatje vanwege de verjaardag van Tastemaster Peter: een Caol Ila G&M. Een beetje de uitzondering want deze is peated.
Neus: peat, maar niet zo agressief. Na 17 jaar in het vat zijn de scherpe kantjes er wel van af. Deze is finished in Madeira casks wat 'm nog wel wat extra's geeft.
Smaak: relatief zacht voor een peated.
Punten: rond de 85.
maandag 13 januari 2014
Schotland versus de "rest van de wereld"
Tegenwoordig heeft bijna ieder land in Europa minstens één whisky distilleerderij (IJsland, Portugal en de voormalig Oostbloklanden zijn de uitzonderingen) en daarnaast wordt er in heel veel andere landen op de wereld whisky gemaakt. Omdat Schotland nu eenmaal maatgevend is met bijna 100 distilleerderijen wordt vrijwel overal in de wereld whisky gemaakt op de Schotse manier of volgens de Schotse regels. Dat wil zeggen:
- gebruik maken van alleen gemoute* gerst;
- destilleren in een koperen pot-still;
- minimaal 3 jaar laten rijpen in van binnen gebrande eiken houten vaten;
- het maximale alcoholpercentage na distilleren is 94,8%
Een belangrijk verschil is dat buiten Schotland turf of "peat" nauwelijks gebruikt wordt. In principe zou ieder land zijn eigen definitie kunnen opstellen over het maken van whisky maar toch wordt het meestal op de Schotse wijze gemaakt. Een aantal uitzonderingen:
Ierland:
Volgens de verhalen zouden de Ieren het maken van whiskey uitgevonden hebben waarna de Schotten het geperfectioneerd hebben. Logisch dus dat Ierse whiskey iets afwijkt van Schotse. Ierse whiskey mag alleen zo heten wanneer het geproduceerd is in de Ierse Republiek of Noord-Ierland.
Eén van de kenmerken is dat Ierse whiskey (los van het feit dat het anders geschreven wordt) gemaakt wordt van gemoute én óngemoute gerst. De oorsprong hiervan ligt in het feit dat de Engelse regering belasting ging heffen op gemoute gerst en de Ieren niet te veel wilden betalen aan de Engelse bezetters. Een ander kenmerk is dat Ierse whiskey drie maal gedestilleerd wordt, in plaats van twee maal. Mede doordat er ongemoute gerst gebruikt (en andere granen) wordt is een derde destillatieronde vaak nodig om een hoog alcoholpercentage te krijgen.
Verder wordt veel whiskey gemaakt in een Coffey- of kolomstill. In Schotland mag de Coffey- of kolomstill alleen gebruikt worden voor graanwhisky.
Verenigde Staten:
In de VS zijn specifieke regels opgesteld. Daarnaast kennen ze in de VS een whiskeysoort die bourbon genoemd wordt. Bourbon en whiskey worden vaak met elkaar verwisseld. En bourbon mag alleen bourbon heten wanneer het geproduceerd is in de Verenigde Staten. In de VS is kleuring van bourbon of whiskey niet toegestaan, er mag alleen water toegevoegd worden.
Kenmerk van Bourbon is dat het minimaal voor 51% van mais gemaakt wordt. Deze mix van granen wordt vervolgens gekookt in water, terwijl de Schotten het in warm water laten weken. Wanneer het fermentatieproces gestart wordt met een restant reeds gefermenteerde mash, dan wordt dit proces "sour mash" genoemd. Het maximale alcoholpercentage na distilleren is 80%.
Een ander belangrijk gegeven is dat voor het rijpen van bourbon alleen nieuwe ongebruikte eiken vaten gebruikt mogen worden, in tegenstelling tot Schotland waar -vanwege de kosten- vrijwel alleen gebruikte (ex-bourbon of ex-sherry) vaten gebruikt worden. Bourbon moet minimaal 2 jaar rijpen om "straight bourbon" genoemd te mogen worden. Dankzij het klimaat in de zuidelijke Staten loopt in die 2 jaar het alcoholpercentage iets op ('sweating the water out') terwijl in Schotland juist hoofdzakelijk de alcohol verdampt en het alcoholpercentage terugloopt.
Verder is en een klein verschil in taalgebruik tussen de VS en Schotland: de gefermenteerde granen met gist wordt in Schotland "wash" genoemd, in de VS noemt men dit "beer", en de vaten worden in de VS "barrels" genoemd, tegen "cask" in Schotland.
In Tennessee (o.a. George Dickel, Jack Daniel's) laat men de whiskey bij wijze van filtering door een laag houtskool lopen, wat weer een specifieke smaak geeft. Dit wordt het Lincoln County Process genoemd. Tennessee whiskey is straight bourbon gemaakt in de staat Tennessee, alleen wil men hier niet dat hun drank als bourbon gemerkt wordt.
Grootste bijzonderheid is het enorme aantal micro-distilleries die de VS kennen. Door een wat soepeler regelgeving is het in de VS voor vrijwel iedereen mogelijk om een distilleerderij te beginnen, en doordat er geen minimum leeftijd is aan whiskey of bourbon, levert dit de investeerder of eigenaar al veel eerder iets op.
En daarbij mag er heel veel geëxperimenteerd worden:
- toevoegen van vruchtensap aan whiskey;
- andere soorten granen gebruiken (bijv. blauwe mais);
- kleinere vaten;
- roken van de gemoute gerst met verschillende houtsoorten;
- et cetera.
Japan:
In Japan wordt voor het rijpen vaten van een bepaalde Japanse eik gebruikt. Deze eiken soort (Mizunara) is dichter van structuur en wordt van binnen niet gebrand wat bij vaten van Amerikaanse eik en Europese eik wel gebeurt. Verder is een belangrijk kenmerk dat in Japanse distilleerderijen meerdere typen en vormen pot-stills door elkaar gebruikt worden, terwijl in Schotland vaak meerdere pot-stills staan met dezelfde vorm.
*) in Schotland mag voor Malt Whisky alleen gemoute gerst gebruikt worden. Voor de grain-whisky's mag wel gebruikt gemaakt worden van andere granen.
- gebruik maken van alleen gemoute* gerst;
- destilleren in een koperen pot-still;
- minimaal 3 jaar laten rijpen in van binnen gebrande eiken houten vaten;
- het maximale alcoholpercentage na distilleren is 94,8%
Een belangrijk verschil is dat buiten Schotland turf of "peat" nauwelijks gebruikt wordt. In principe zou ieder land zijn eigen definitie kunnen opstellen over het maken van whisky maar toch wordt het meestal op de Schotse wijze gemaakt. Een aantal uitzonderingen:
Ierland:
Volgens de verhalen zouden de Ieren het maken van whiskey uitgevonden hebben waarna de Schotten het geperfectioneerd hebben. Logisch dus dat Ierse whiskey iets afwijkt van Schotse. Ierse whiskey mag alleen zo heten wanneer het geproduceerd is in de Ierse Republiek of Noord-Ierland.
Eén van de kenmerken is dat Ierse whiskey (los van het feit dat het anders geschreven wordt) gemaakt wordt van gemoute én óngemoute gerst. De oorsprong hiervan ligt in het feit dat de Engelse regering belasting ging heffen op gemoute gerst en de Ieren niet te veel wilden betalen aan de Engelse bezetters. Een ander kenmerk is dat Ierse whiskey drie maal gedestilleerd wordt, in plaats van twee maal. Mede doordat er ongemoute gerst gebruikt (en andere granen) wordt is een derde destillatieronde vaak nodig om een hoog alcoholpercentage te krijgen.
Verder wordt veel whiskey gemaakt in een Coffey- of kolomstill. In Schotland mag de Coffey- of kolomstill alleen gebruikt worden voor graanwhisky.
Verenigde Staten:
In de VS zijn specifieke regels opgesteld. Daarnaast kennen ze in de VS een whiskeysoort die bourbon genoemd wordt. Bourbon en whiskey worden vaak met elkaar verwisseld. En bourbon mag alleen bourbon heten wanneer het geproduceerd is in de Verenigde Staten. In de VS is kleuring van bourbon of whiskey niet toegestaan, er mag alleen water toegevoegd worden.
Kenmerk van Bourbon is dat het minimaal voor 51% van mais gemaakt wordt. Deze mix van granen wordt vervolgens gekookt in water, terwijl de Schotten het in warm water laten weken. Wanneer het fermentatieproces gestart wordt met een restant reeds gefermenteerde mash, dan wordt dit proces "sour mash" genoemd. Het maximale alcoholpercentage na distilleren is 80%.
Een ander belangrijk gegeven is dat voor het rijpen van bourbon alleen nieuwe ongebruikte eiken vaten gebruikt mogen worden, in tegenstelling tot Schotland waar -vanwege de kosten- vrijwel alleen gebruikte (ex-bourbon of ex-sherry) vaten gebruikt worden. Bourbon moet minimaal 2 jaar rijpen om "straight bourbon" genoemd te mogen worden. Dankzij het klimaat in de zuidelijke Staten loopt in die 2 jaar het alcoholpercentage iets op ('sweating the water out') terwijl in Schotland juist hoofdzakelijk de alcohol verdampt en het alcoholpercentage terugloopt.
Verder is en een klein verschil in taalgebruik tussen de VS en Schotland: de gefermenteerde granen met gist wordt in Schotland "wash" genoemd, in de VS noemt men dit "beer", en de vaten worden in de VS "barrels" genoemd, tegen "cask" in Schotland.
In Tennessee (o.a. George Dickel, Jack Daniel's) laat men de whiskey bij wijze van filtering door een laag houtskool lopen, wat weer een specifieke smaak geeft. Dit wordt het Lincoln County Process genoemd. Tennessee whiskey is straight bourbon gemaakt in de staat Tennessee, alleen wil men hier niet dat hun drank als bourbon gemerkt wordt.
Grootste bijzonderheid is het enorme aantal micro-distilleries die de VS kennen. Door een wat soepeler regelgeving is het in de VS voor vrijwel iedereen mogelijk om een distilleerderij te beginnen, en doordat er geen minimum leeftijd is aan whiskey of bourbon, levert dit de investeerder of eigenaar al veel eerder iets op.
En daarbij mag er heel veel geëxperimenteerd worden:
- toevoegen van vruchtensap aan whiskey;
- andere soorten granen gebruiken (bijv. blauwe mais);
- kleinere vaten;
- roken van de gemoute gerst met verschillende houtsoorten;
- et cetera.
Japan:
In Japan wordt voor het rijpen vaten van een bepaalde Japanse eik gebruikt. Deze eiken soort (Mizunara) is dichter van structuur en wordt van binnen niet gebrand wat bij vaten van Amerikaanse eik en Europese eik wel gebeurt. Verder is een belangrijk kenmerk dat in Japanse distilleerderijen meerdere typen en vormen pot-stills door elkaar gebruikt worden, terwijl in Schotland vaak meerdere pot-stills staan met dezelfde vorm.
*) in Schotland mag voor Malt Whisky alleen gemoute gerst gebruikt worden. Voor de grain-whisky's mag wel gebruikt gemaakt worden van andere granen.
maandag 23 december 2013
BTC (5): Blind Tasting Competition 2013 (eindstand na 18 samples)
Hoe is het afgelopen met de BTC?
Ik ben geëindigd op de 15e plaats met 419 punten. Ik heb even op plaats 21 gestaan, in de laatste dagen 2x op plaats 19 en op het eind (waar het om gaat) dus op plaats 15! Zie hier de totale eindstand.
Het was erg leuk om te doen; iedere avond een whisky proeven en gokken wat het is. Gaandeweg krijg je er een beetje gevoel voor; leeftijd en alcoholpercentage beoordeel je makkelijker. Of iets oud of jong is, of hoog of laag qua alcohol gaat nog wel, maar dan moet je er een getal aan hangen en dat blijft gokken. Ik heb er de eerste avonden nog wel een whisky ter vergelijk bijgepakt, maar na de 4e of 5e avond niet meer. Regio gokken is ook heel lastig, de juiste distillery heb ik niet één keer geraden.
Volgend jaar doe ik weer mee, al zal het lastig zijn om deze goede score te evenaren of te verbeteren.
Sample 18:
Kleur: Donker eiken
Neus: Hmm, lekker weer. Lichte sherry-tonen, fleurig, alcoholpercentage denk ik tussen de 50-55%. Na een tijdje komen de sherry-tonen meer naar voor. Heel subtiele whisky, zou best wel eens erg oud kunnen zijn. Meer dan 20 jaar. Denk een beetje aan Highlands of Speyside. Glengoyne zou kunnen, of een Glenfarclas, of ....
Smaak: Veel sherry invloed, erg lekker! Veel meer sherry dan je afgaande op de neus zou verwachten. Best hoog alcoholpercentage, dichter bij de 55% dan 50%.
Algemene opmerking: Erg lekkere whisky, moet zeker op mijn wishlist!
Waardering: 88/100
Mijn gok:
Regio: Speyside
Distillery: Glenfarclas
Alcoholpercentage: 55,3%
Leeftijd: 21 jaar
Het antwoord: Longmorn Speyside 52,6% 23 jaar.
Gescoorde punten: 40
Sample 17:
Kleur: Goud
Neus: Peat, citrus, bloemig, ietwat muffe geur erbij, citrus is wel sterk. Niet heel erg hoog alcoholpercentage, ik denk net wel/net niet boven de 50%. Lekkere bloemen tussen het turf.
Smaak: Lekker peaty, niet te sterk. Citrus en vanille, en peat natuurlijk. Beetje mokka/koffie in de nasmaak.
Algemene opmerking: Ik denk een Islay, Ardbeg. Maar een Port Charlotte zou ook kunnen. Een instinker zou ook kunnen natuurlijk. Wel lekker.
Waardering: 85/100
Mijn gok:
Regio: Islay
Distillery: Ardbeg
Alcoholpercentage: 50%
Leeftijd: 17 jaar
Het antwoord: Caol Ila Islay 54,3% 26 jaar.
Gescoorde punten: 20 (en gezakt naar plaats 23)
Sample 16:
Kleur: Mahonie
Neus: Rozijnen, meubelwas, bittere chocolade, oud leer, kortom veel sherry-invloed. Niet heel erg oud, denk zo rond de 10-15 jaar, ook geen hoog alcoholpercentage, waarschijnlijk 46%, kan zelf 40% zijn.
Smaak: Minder zoet dan verwacht, scherp, raar smaakje, dark roast koffie, mokka, spiritus, verbrand hout.
Algemene opmerking: Ik had hier (afgaande op de kleur) veel van verwacht, maar hier zit een raar smaakje aan. Geur is wel heerlijk, smaak is minder. Opmerkelijk: het glas wordt er ontzettend vies van! Soort van vettige aanslag aan de binnenzijde, nog nooit eerder gezien.
Waardering: 70/100
Mijn gok:
Regio: Speyside
Distillery: Allt-a-Bhainne
Alcoholpercentage: 46%
Leeftijd: 15
Het antwoord: Loch Lomond Highlands 45% 9 jaar.
Gescoorde punten: 10 (nog steeds op plaats 19)
Sample 15:
Kleur: Witte wijn
Neus: Citrus en vanille, veel alcohol, denk meer dan 55%, honing, geen peat. Of toch heel licht? Vaag weer deze, echt geen idee. Geen Highlander in ieder geval. Misschien een Island omdat we die al een tijdje niet gehad hebben. Los van dat zou ik toch weer op Highlands gokken. Vaag...
Smaak: Zurig, erg scherp, citrus, vanille, maar wel lekker. Mooi gelaagd ook weer.
Algemene opmerking: Met een drupje water erg lekker wel, maar niet erg uitgesproken.
Waardering: 82/100
Mijn gok:
Regio: Lowlands
Distillery: Bladnoch
Alcoholpercentage: 55,9%
Leeftijd: 21 jaar
Het antwoord: Rosebank Lowlands 51,1% 20 jaar.
Gescoorde punten: 50 (en in de top 20!)
Sample 14:
Kleur: Goud
Neus: Zwak, hoge leeftijd denk ik, vanille, citrus, beetje honing-achtig. Geen peat of sherry.
Smaak: Zoetig, honing, vanille, alcohol laag in de 50%, mooi gelaagd wel deze, lekker.
Algemene opmerking: Lekker deze, geen uitgesproken smaak maar mooi gelaagd, telkens een nieuwe smaak.
Waardering: 86/100
Mijn gok:
Regio: Highlands
Distillery: Clynelish
Alcoholpercentage: 51,2%
Leeftijd: 21 jaar
Het antwoord: Teaninich Highlands 52,2% 29jaar.
Gescoorde punten: 30
Sample 13:
Kleur: Donker eiken
Neus: Veel sherry tonen, ruikt lekker. Stevige sherry invloed zelfs. Speyside is het niet, een Highlander misschien of toch weer die Campbeltown? Lastig weer. Niet bijzonder hoog qua alcohol, denk iets meer dan 50%.
Smaak: Bittere nasmaak, noten, chocolade, the works.
Algemene opmerking: Hmmmm, echt heerlijk! Vette sherrybom! Kan op mijn wishlist! Moet!
Waardering: 95
Mijn gok:
Regio: Highland
Distillery: Glendronach
Alcoholpercentage: 55,9%
Leeftijd: 18 jaar
Het antwoord: Longrow Campbeltown 56,1% 16 jaar.
Gescoorde punten: 38
Ik ben geëindigd op de 15e plaats met 419 punten. Ik heb even op plaats 21 gestaan, in de laatste dagen 2x op plaats 19 en op het eind (waar het om gaat) dus op plaats 15! Zie hier de totale eindstand.
![]() |
| De top-15 met de punten van de laatste dag en het totaal. |
Het was erg leuk om te doen; iedere avond een whisky proeven en gokken wat het is. Gaandeweg krijg je er een beetje gevoel voor; leeftijd en alcoholpercentage beoordeel je makkelijker. Of iets oud of jong is, of hoog of laag qua alcohol gaat nog wel, maar dan moet je er een getal aan hangen en dat blijft gokken. Ik heb er de eerste avonden nog wel een whisky ter vergelijk bijgepakt, maar na de 4e of 5e avond niet meer. Regio gokken is ook heel lastig, de juiste distillery heb ik niet één keer geraden.
Volgend jaar doe ik weer mee, al zal het lastig zijn om deze goede score te evenaren of te verbeteren.
Sample 18:
Kleur: Donker eiken
Neus: Hmm, lekker weer. Lichte sherry-tonen, fleurig, alcoholpercentage denk ik tussen de 50-55%. Na een tijdje komen de sherry-tonen meer naar voor. Heel subtiele whisky, zou best wel eens erg oud kunnen zijn. Meer dan 20 jaar. Denk een beetje aan Highlands of Speyside. Glengoyne zou kunnen, of een Glenfarclas, of ....
Smaak: Veel sherry invloed, erg lekker! Veel meer sherry dan je afgaande op de neus zou verwachten. Best hoog alcoholpercentage, dichter bij de 55% dan 50%.
Algemene opmerking: Erg lekkere whisky, moet zeker op mijn wishlist!
Waardering: 88/100
Mijn gok:
Regio: Speyside
Distillery: Glenfarclas
Alcoholpercentage: 55,3%
Leeftijd: 21 jaar
Het antwoord: Longmorn Speyside 52,6% 23 jaar.
Gescoorde punten: 40
Sample 17:
Kleur: Goud
Neus: Peat, citrus, bloemig, ietwat muffe geur erbij, citrus is wel sterk. Niet heel erg hoog alcoholpercentage, ik denk net wel/net niet boven de 50%. Lekkere bloemen tussen het turf.
Smaak: Lekker peaty, niet te sterk. Citrus en vanille, en peat natuurlijk. Beetje mokka/koffie in de nasmaak.
Algemene opmerking: Ik denk een Islay, Ardbeg. Maar een Port Charlotte zou ook kunnen. Een instinker zou ook kunnen natuurlijk. Wel lekker.
Waardering: 85/100
Mijn gok:
Regio: Islay
Distillery: Ardbeg
Alcoholpercentage: 50%
Leeftijd: 17 jaar
Het antwoord: Caol Ila Islay 54,3% 26 jaar.
Gescoorde punten: 20 (en gezakt naar plaats 23)
Sample 16:
Kleur: Mahonie
Neus: Rozijnen, meubelwas, bittere chocolade, oud leer, kortom veel sherry-invloed. Niet heel erg oud, denk zo rond de 10-15 jaar, ook geen hoog alcoholpercentage, waarschijnlijk 46%, kan zelf 40% zijn.
Smaak: Minder zoet dan verwacht, scherp, raar smaakje, dark roast koffie, mokka, spiritus, verbrand hout.
Algemene opmerking: Ik had hier (afgaande op de kleur) veel van verwacht, maar hier zit een raar smaakje aan. Geur is wel heerlijk, smaak is minder. Opmerkelijk: het glas wordt er ontzettend vies van! Soort van vettige aanslag aan de binnenzijde, nog nooit eerder gezien.
Waardering: 70/100
Mijn gok:
Regio: Speyside
Distillery: Allt-a-Bhainne
Alcoholpercentage: 46%
Leeftijd: 15
Het antwoord: Loch Lomond Highlands 45% 9 jaar.
Gescoorde punten: 10 (nog steeds op plaats 19)
Sample 15:
Kleur: Witte wijn
Neus: Citrus en vanille, veel alcohol, denk meer dan 55%, honing, geen peat. Of toch heel licht? Vaag weer deze, echt geen idee. Geen Highlander in ieder geval. Misschien een Island omdat we die al een tijdje niet gehad hebben. Los van dat zou ik toch weer op Highlands gokken. Vaag...
Smaak: Zurig, erg scherp, citrus, vanille, maar wel lekker. Mooi gelaagd ook weer.
Algemene opmerking: Met een drupje water erg lekker wel, maar niet erg uitgesproken.
Waardering: 82/100
Mijn gok:
Regio: Lowlands
Distillery: Bladnoch
Alcoholpercentage: 55,9%
Leeftijd: 21 jaar
Het antwoord: Rosebank Lowlands 51,1% 20 jaar.
Gescoorde punten: 50 (en in de top 20!)
Sample 14:
Kleur: Goud
Neus: Zwak, hoge leeftijd denk ik, vanille, citrus, beetje honing-achtig. Geen peat of sherry.
Smaak: Zoetig, honing, vanille, alcohol laag in de 50%, mooi gelaagd wel deze, lekker.
Algemene opmerking: Lekker deze, geen uitgesproken smaak maar mooi gelaagd, telkens een nieuwe smaak.
Waardering: 86/100
Mijn gok:
Regio: Highlands
Distillery: Clynelish
Alcoholpercentage: 51,2%
Leeftijd: 21 jaar
Het antwoord: Teaninich Highlands 52,2% 29jaar.
Gescoorde punten: 30
Sample 13:
Kleur: Donker eiken
Neus: Veel sherry tonen, ruikt lekker. Stevige sherry invloed zelfs. Speyside is het niet, een Highlander misschien of toch weer die Campbeltown? Lastig weer. Niet bijzonder hoog qua alcohol, denk iets meer dan 50%.
Smaak: Bittere nasmaak, noten, chocolade, the works.
Algemene opmerking: Hmmmm, echt heerlijk! Vette sherrybom! Kan op mijn wishlist! Moet!
Waardering: 95
Mijn gok:
Regio: Highland
Distillery: Glendronach
Alcoholpercentage: 55,9%
Leeftijd: 18 jaar
Het antwoord: Longrow Campbeltown 56,1% 16 jaar.
Gescoorde punten: 38
Abonneren op:
Posts (Atom)




















