zaterdag 5 april 2014

Proeverij KCWS 31-03-2014: Exclusieve Auchentoshan masterclass door Alasdair Dickinson

Dankzij de goede relatie tussen KCWS en importeur Intercaves konden de leden op maandag 31 maart genieten van een bijzondere Auchentoshan masterclass. Onze tastemaster deze avond was Alasdair Dickinson, de nieuwe brand-ambassador van Auchentoshan.
Alasdair ("Ali") Dickinson

De line-up deze avond bestond uit de volgende expressies van Auchentoshan:

* Virgin Oak
* American Oak
* 12 years
* Three Wood
* 18 years
* 21 years


En ja we hadden een primeur! Auchentoshan, ‘the triple distilled Lowland Malt’, introduceert in april 2014 in Nederland de American Oak. Aan de rijping van het drievoudig gestookte distillaat op ‘first fill’ bourbon vaten van Amerikaanse eiken dankt Auchentoshan American Oak zijn naam. Nadat er eenmalig Bourbon whiskey op heeft gerijpt geven deze vaten hun zoete houttonen aan Auchentoshan’s fruitige ‘new spirit’.

Auchentoshan is de één van de weinige Schotse single malt die drie keer wordt gedistilleerd hetgeen resulteert in een licht en toegankelijk karakter. Door vaten te gebruiken van diverse houtsoorten waarop eerder bourbon, sherry, port of wijn hebben gerijpt krijgen de Auchentoshan malts diverse smaaknuances.

De distilleerderij is sinds 1823 gevestigd nabij Glasgow, aan de voet van de Old Kilpatrick Hills; vandaar de naam Auchentoshan < och’n’tosh’n>, Keltisch voor ‘hoek van het veld’ en is één van de twee constant producerende Lowland malt distilleerderijen. (De andere is Glenkinchie, de derde nog actieve Lowland-distillery is Bladnoch, deze produceert slechts 2 maanden per jaar.)
Mooie proeverijlocatie.

De locatie was deze keer niet in de bibliotheek maar in de kapel, een mooie sfeervolle ruimte. Aan de hand van een powerpoint presentatie werden we door Alasdair ("Ali") door de selectie van de avond geloodst. Uiteraard een heel verhaal over de drievoudige distillatie die Auchentoshan doet (kom ik later in een ander bericht op terug) en hoe uniek dit wel niet is.

De aftrap was de Virgin Oak: gerijpt in nieuwe ongebruikte eiken houten vaten en gebotteld op 46%, leeftijd onbekend maar volgens Ali maximaal 12 jaar oud omdat met pas 12 jaar geleden de nieuwe eiken houten vaten begon te gebruiken.
Kleur: licht geel.
Neus: licht, citrus, vanille en boter.
Smaak: zoet, zacht, boter en crème, zoethout, kruidig. Prima whisky zonder sterke uitgesproken smaken of geuren.
Punten: 82

Primeur van de avond.
De volgende was de primeur: American Oak. Pas vanaf 1 april 2014 wordt deze in Nederland op de markt gebracht. Zoals de naam doet vermoeden puur en alleen op (gebruikte) Amerikaans eiken (ex-Bourbon-) vaten gerijpt. Botteling voor NL op 40%, sommige andere delen van de wereld op 46%.
Kleur: licht geel.
Neus: citrus, vanille. 
Smaak: wateriger dan de eerste, zoet, zacht. Het boterige/crème van de Virgin Oak ontbreekt, was waarschijnlijk op 46% beter geweest. 
Punten: 80

Oorspronkelijk stond er een New Spirit in de line-up, maar op het laatste moment werd deze vervangen door de 12 jaar oude. Standaard botteling op 40%, vatting van hoofdzakelijk ex-bourbon-vaten met een paar ex-sherry-vaten.
Kleur: goud.
Neus: citrus, vanille. 
Smaak: zoet en zacht. Ik vond 'm weinig indrukwekkend.
Punten: 79


Tussendoor een hapje: gerookte zalm op een spies en met dip. Bijna net zo lekker als thuis!

Na de pauze kregen we de Three Wood voorgeschoteld. Ik heb slechte herinneringen aan deze versie; in mijn "begindagen" als whisky drinker vond ik dit niet om door te komen. Sterker nog: ik vond deze zelfs vies. Hoe anders zou ik er nu tegenaan kijken? Botteling op 43%.
Kleur: donker goud.
Neus: rozijnen, noten, karamel; duidelijke sherry-invloeden dus.
Smaak: butterscotch-chocolade, sherry, rozijnen, noten, zoet, donker fruit. Erg lekker toch wel deze! 
Punten: 85


Leuk was de vergelijking van Ali met een motorcycle-display-team: degene met de vlag krijgt alle aandacht terwijl de lagen daaronder voor de balans moeten zorgen.
Een motorcycle-display-team: de lagen eronder zogen voor de balans terwijl de vlaggendrager aan de top alle aandacht krijgt.
In de whisky ook: de ex-bourbon vaten zorgen voor de balans, de ex-oloroso vaten geven een mooie finish en "mr. Pedro Ximinez is waving the flag at the top".
Ook deze Three Wood heeft geen leeftijdsaanduiding, volgens Ali is dit omdat iedere batch een kleine fluctuatie geeft in het aantal maanden en jaren waarin de whisky in totaal gerijpt heeft. Richtlijn is: rijping van 10 jaar ex-bourbonvaten + 1 jaar ex-oloroso + 1 jaar ex-PX-vaten. In totaal om en nabij de 12 jaar met als marge plus 1 of min 1 jaar.

De volgende heeft wel een leeftijdsaanduiding: 18 jaar. Een vatting van ex-bouron en ex-sherry vaten op een sterkte van 43%.
Kleur: goud.
Neus: frisser, groene thee, vanille, citrus.
Smaak: fris en waterig. Was waarschijnlijk op 46% beter geweest.
Punten: 83


Hapje tussendoor: kwartel-eitje met filet-americain op een mini toastje. Lekker!

De finish komt in zicht en er staat alleen nog de 21 jaar op de lijst. Meer sherry in de vatting en gebotteld op 43% (waarom zo laag toch?).
Kleur: goud.
Neus: zoet, noten, chocolade, redelijk veel sherry-invloeden.
Smaak: zoet, zacht, honing, zacht en romig in de mond. Best goed maar voor een 21 jaar oude had je wel wat meer mogen verwachten.
Punten: 84


Leuke avond weer, de kapel is ook een goede plek om een proeverij te houden. De Schot van dienst kon een leuk verhaal vertellen in een redelijk goed te volgen "Glaswegian" accent met leuke anecdotes. Gezellig, lekkere hapjes en lekkere whisky; wat wil je nog meer?



zondag 23 februari 2014

Proeverij KCWS 21-02-2014: American Micro distilleries

Op vrijdag 21 februari was het druk en zat de zaal goed vol. Geen wonder, want de line-up was niet alledaags met whisk(e)ys uit Amerika en Canada, afkomstig van zogeheten micro distilleries of farm distilleries. Naast de in totaal 32 proevende deelnemers waren er ook nog twee niet aanwezige proevers die gebruik maakten van proefflesjes, een nieuwe service vanuit KCWS. Sommige deelnemers wisten zich nog op de laatste minuut aan te melden.
Denk je als whiskyvereniging over het algemeen wel voldoende glaswerk te hebben, nou, de line-up bestond uit 9 (negen…!) verschillende flessen, keer 32 proevers is: tekort. Ondanks de 36 eigen proefglaasjes die ik zelf had meegenomen, zat er niets anders op dan in de twee pauzes zo veel mogelijk glazen af te wassen. Maar het was het waard. Zelfs de door Eddy uitgedeelde hapjes waren in "American Style", want er waren onder andere mini hamburgertjes.

Na de opkomst van de bierbrouwerijen is er in Amerika nu een groei te zien in het aantal kleine (=micro) distilleerderijen. Waarom Amerika en niet Schotland? Dat heeft te maken met de wetgeving. De schotse whisky industrie is sterk beschermd. Wat wel en vooral ook wat niet mag met schotse whisky is vastgelegd in de wet. Begrijpelijk, je wilt immers niet dat er met je whisky geknoeid wordt, maar deze strenge regelgeving staat vaak wel vernieuwing in de weg. De Amerikaanse wetgeving is veel minder streng en hier wordt dan ook volop geëxperimenteerd met van alles en nog wat op whiskey gebied.

Van het begin… niet alleen gerst of mais maar ook andere granen.

Tot het einde… andere vaten dan alleen die van eikenhout, bijvoorbeeld berkenhout.

De 9 whiskey's van vanavond komen van de beste micro distilleries, die allemaal iets bijzonders hebben. Ze komen niet alleen uit de traditionele whiskey staten zoals Kentucky maar uit het hele land. Er zijn pot still whiskey's en column still whiskey's. Er zijn jonge whiskey's van minder dan 3 jaar en oude tot 18 jaar oud. Die laatste whiskey komt van de begin jaren negentig gesloten Stitzel-Weller distillery uit Louisville, Kentucky. Het verlies van deze distilleerderij die nu afgebroken is, wordt vergeleken met het verlies van de Brora en de Port Ellen distilleerderijen in Schotland.

Micro distilleries in de VS.

De eerste van deze avond is wel iets heel bijzonders: een single barrel whiskey geblend met blackberry-sap! Afkomstig van de Leopold Bros. Distillery in Denver, Colorado. Zij maken whiskey, voegen er fruitsap aan toe (in dit geval blackberry-sap) en doen dit in gebruikte bourbon vaten om te laten rijpen.
Blackberry flavoured...
Leopold Bros. Rocky Mountain Blackberry Flavoured Whiskey, Single Barrel, no age statement, batch #1332, 40%.
Deze vuurrode whiskey verzorgde de aftrap en deed nogal wat wenkbrauwen stijgen. De friszure fruitlucht knalt het glas uit en doet hetzelfde met de smaak. Is niet zo verwonderlijk, want de new spirit is gemengd met geperste bramen en het geheel is gerijpt in het vat. Het meerijpen van het bramensap zorgt ervoor dat het kan oxideren en dat maakt de smaak van de bramen nog intenser. In de nasmaak is het onmiskenbaar een bourbon whiskey. Opmerkelijk is dat dit product in Amerika nog steeds als whiskey mag worden verkocht, iets dat in Schotland ondenkbaar is. Grappig is dat achterop de fles, naast de obligate waarschuwingen over de invloed van drank en zwangerschap, ook staat aangegeven dat de smaak van de blackberries binnen 30 dagen na opening van de fles op z'n best is. Geen spul om lang open te laten dus. Benieuwd wat er overigens verder met de vaten gebeurt…
Kleur: Rode wijn.
Neus: Bosvruchten, bramen, vleugje vanille.
Smaak: Mierzoet! Bramen en bosvruchten overheersen, beetje scherpte van de alcohol.
Rare combinatie en niet lekker! Whiskey en vruchtensap gaan niet samen.
Punten: 60.

... geen goede combinatie!

Gelukkig volgt er al snel iets 'normalers': een whiskey gemaakt van rogge. Om als Rye whiskey aangemerkt te mogen worden moet er minimaal 51% rogge gebruikt worden; voor deze Redemption Rye is 95% rogge gebruikt. Deze spirit rijpt minimaal 2 jaar in gebrande eiken houten vaten waardoor het 'straight' genoemd mag worden. Na ruim 2 jaar wordt het gebotteld op 92 proof (= 46%).



Redemption Straight Rye Whiskey Lawrenceburg Distillers, Indiana, Bottled by Bardstown Selections, Kentucky, small batch #110, over 2 years, 46%.
Met whiskey gestookt van 95% rogge (en waarschijnlijk dus 5% gerst) probeert Redemption's Rye de faam van rye whiskeys weer te laten herleven in bars in Amerika en beroemde cocktails als The Manhattan, Whiskey Sour en The Oldfashioned. Zacht van smaak met een ietsje kruidige afdronk.
Kleur: Goud/geel
Neus: Nieuwe vloerbedekking, lijm, chemisch.
Smaak: Beetje wrang, aparte smaak, vrij vlak.
Punten: 70.



Nummer drie vanavond is een 'gewone' Bourbon: Angel's Envy. Gemaakt door de Louisville Distilling Co. in Kentucky en gefinished in Ruby Port vaten. Doordat het meer dan 2 jaar oud is mag het 'Straight' Bourbon heten.

Angel's Envy Kentucky Straight Bourbon, small batch, Ruby Port wine barrel finished, up to 6 yrs, 43,3%.
Gecreëerd door master distiller Lincoln Henderson, die de whiskey na een rijping van bijna 6 jaar in charred white oak barrels, laat finishen in ruby portvaten. En dat proef je. Zoet en vol van smaak. Prima after dinner whiskey.
Kleur: Goud.
Neus: Lijm, vanille.
Smaak: Mooie volle smaak, lijm en vanille hebben de boventoon, doet een beetje chemisch aan.
Typische bourbon.
Punten: 72.

Tussendoor een typisch Amerikaans hapje: een hamburger.


De volgende komt van de Corsair Distillery uit Nashville, Tenessee. Gestookt in een potstill en net als Schotse whisky gebruikt men gerookte malt uit gerst. Deze malt wordt gerookt met turf, berken- en kersenhout, vandaar ook de naam Triple Smoke.



Corsair Artisan Triple Smoke American Malt Whiskey, small batch #111, no age statement, 40%.
De mout voor deze whiskey is samengesteld uit op drie verschillende soorten gerookte mout: kersenhout, turf en berkenhout. De whiskey zelf is gestookt in een pot still en gerijpt in new charred oak. De whiskey is wat troebel in het glas, hetgeen kan duiden op het feit dat er geen gebruik is gemaakt van koude filtratie. Master distiller Darek Bell is in de leer geweest bij Bruichladdich en die invloed is duidelijk merkbaar.
Kleur: Goud (en een beetje troebel).
Neus: Sterke geur, maltig, beetje wrang, vleugje rook (als houtkachel).
Smaak: Hier komt de rokerigheid meer naar voren, vleugje oud leer.
Karaktervolle whiskey. Er is geen leeftijd opgegeven (no age statement) en aangezien het ook niet als 'straight' wordt aangemerkt is het waarschijnlijk minder dan 2 jaar oud. En dat proef je! Het wrange en maltige is typerend voor erg jonge whiskey. Langer laten rijpen zou de smaak ten goede komen.
Punten: 75.



Nummer vijf is afkomstig uit Waco, Texas. De Balcones Distilling Co. maakt hier een whisky uit blauwe mais. Dit is een mais-soort die in Mexico en in het zuiden van de VS veel voor komt. Baby Blue is de enige whisky ter wereld die van deze blauwe mais gemaakt wordt.


Balcones Baby Blue corn whisky, small batch #BB13-6, no age statement, 46%.
Whisky (inderdaad: geen "e") gestookt van Atole, een roasted blue corn meal. Van iedereen om mij heen één van de favorieten van de avond. Zachte smaak en plezierige afdronk. De term "oude jenever" hier en daar gehoord aan tafel.
Kleur: Goud (gelukkig niet blauw!).
Neus: Maltig, rogge, mais.
Smaak: Volle smaak, ook weer het wrange en maltige van jonge whisky, zacht. Best lekker.
Punten: 76.

Hapje tussendoor: micro garnalen-salade.

De volgende twee komen uit de staat New York. Tuthilltown Spirits maakt allerlei gedistilleerde dranken, waaronder een Bourbon en een Rye whiskey. De whiskeys worden gedistilleerd in een potstill. Erg grappig zijn de 375ml flesjes



Tuthilltown Hudson Baby Bourbon, 100% New York corn, batch #14, no age statement, 46%.
Deze whiskey is twee keer gestookt in een pot still en daarvoor is het hoogst mogelijke percentage maïs gebruikt dat volledig afkomstig is uit de staat New York, om vervolgens te rijpen in kleine (tot héél kleine) vaten, variëren van 3 tot 55 gallon. Typisch een product van lieden die de zaak anders aanpakken dan normaal. Zo gebruikt men naar verluidt een iPod in combinatie met een aantal flinke subwoofers om de inhoud van de vaten eens goed door elkaar te schudden met het doel om de interactie met het hout te bevorderen. Van de herrie tijdens de rijping is in het flesje (375 ml) weinig terug te vinden, maar wat overblijft is een lekkere milde en zachte whiskey, die de naam Baby Bourbon eer aan doet.
Kleur: Donker goud.
Neus: volle geur, noten, chocolade, bijna sherry-achtig.
Smaak: scherp en toch zoet.
Lijkt wel een sherry-cask matured whisky. Erg lekker.
Punten: 77.

Tuthilltown Hudson Manhattan Rye Whiskey, batch #4, no age statement, 46%.
Deze whiskey is twee keer gestookt van rogge in een pot still en vervolgens gerijpt in kleine vaten, gemiddeld zo'n 20 gallon. Net als bij de rijping van de Baby Bourbon worden de vaten met lage bastonen "geschud" om het rijpingsproces te versnellen. Het resultaat is een pittige, kruidige whiskey, die zo eigen is aan rogge. De naam "Tuthilltown" werd aan tafel al gauw omgedoopt tot "Tuthola" en dat zegt meer over de gezellige sfeer dan een smaakbeschrijving…
Kleur: Goud.
Neus: lijm, nieuwe vloerbedekking, chemisch.
Smaak: Volle smaak, scherp en rauw.
Minder dan de vorige maar toch goed.
Punten: 76.

Hapje tussendoor: gevuld ei.

We naderen de finish van de avond (negen samples is wel doorwerken) en dit maal weer een Rye. Beetje onduidelijk dit; is WhistlePig nou een distilleerderij of alleen maar een bottelaar? Op het etiket staat: bottled at the WhistlePig farm, Shoreham, Vermont.

WhistlePig Straight Rye Canadian Whiskey, 10 years old, 46%.
De enige Canadese whiskey van de avond. De whiskey is gemaakt onder het toeziend oog van David Pickerell, master distiller bij Hillrock Estate Distillery en WhistlePig Rye Whiskey. Daarvoor was hij jarenlang de master distiller bij Makers Mark. Op de fles is nergens aangegeven waar deze whiskey is gestookt, maar er staat dat de whiskey is geïmporteerd uit Canada. Vol van smaak en kruidig. Lokaal vooral gedronken in cocktails.
Enkele sappige details: een van de eigenaren van deze distilleeerderij is de Nederlandse zakenbankier Wilco Faessen én de Amerikaanse vakpers geeft aan nooit een betere rye te hebben geproefd, lucky us!
Kleur: Goud.
Neus: Goede geur, zoet, vanille, koffie.
Smaak: scherp toch weer, chemisch (lijm), vanille en koffie.
Punten: 74.



De laatste is ook meteen de oudste: 18 jaar maar liefst. Stitzel-Weller is een distilleerderij die een vergelijkbare geschiedenis kent als bijvoorbeeld Port Ellen of Brora. Eigendom van Diageo en gesloten eind jaren '80/ begin jaren '90, en tegenwoordig een bijna legendarische status. S-W is gesloten in 1992, dit is de distilleerderij waar de Rip Van Winkle- en Bulleit- whiskeys vandaan kwamen. Deze whiskey is gemaakt van hoofdzakelijk tarwe (wheat).

Stitzel-Weller Jefferson's Presidential Select, Kentucky Wheated Bourbon, small batch #14, 18 years old, 47%, bottled by McLain & Kyne
De laatste en oudste whiskey van de avond. Op het etiket staat dat de whiskey is gerijpt in Stitzel-Weller barrels, die ook werden gebruikt door de legendarische Stitzel-Weller distillery in Shively Louisville, maar nergens is de naam van de distillery aangegeven. Het vermoeden is dat het in dit geval gaat om een onafhankelijke bottelaar, die de whiskey uitbrengt in een chique fles met zegel en etiket. 18 jaar rijpen in een nieuw eiken vat geeft een glas dat vooral naar hout ruikt en smaakt.
Kleur: Donker goud.
Neus: Likeur/zoet, after shave, fleurig.
Smaak: zoet en vol, chemisch/ lijm.
Punten: 74.



Al met al weer een leerzame avond. De whiskeys en bourbons waren niet spectaculair lekker maar allemaal even bijzonder (want in de EU moeilijk verkrijgbaar). De Tuthilltown Baby gaat wat mij betreft met de eer van lekkerste van de avond strijken, ook de Baby Blue was wel bijzonder.
Wat over het algemaal toch wel opvalt is dat het allemaal vrij jonge whiskeys zijn, en ik denk dat een langere rijping in de meeste gevallen de smaak ten goede komt. Al waren de 10 en 18 jaar oude op het eind niet per sé de lekkerste.


woensdag 19 februari 2014

Festivals

In het najaar en in de winter worden er tegenwoordig regelmatig whisky-festivals georganiseerd.
Is dat wat, zo'n festival?


Zo heel veel ervaring met festivals heb ik niet, tot nu toe heb ik er een handje vol bezocht:

- Potstill Amersfoort (3x)
- Hielander Alkmaar (1x)
- Whisky Twente Hengelo (1x)
- Whisky Amsterdam (1x)

Bij entree ontvang je een proefglas (ervaren festivalgangers herken je aan zo'n glashouder die je om je nek kunt hangen), een flesje water en vaak een festivalboekje met de standhouders en soms met de whiskies die geproefd kunnen worden. Soms zijn de te proeven whiskies gratis (dwz: inbegrepen in de toegangsprijs), soms moet er een paar euro bijbetaald worden.




De ervaring hierin is m.i. wisselend: op bijvoorbeeld Potstill hoeft er vrijwel nergens iets bijbetaald te worden en is de toegangsprijs zeer redelijk. Op het Hielander festival is de toegangsprijs al fors, en dan moet er voor alles wat iets-meer-dan-standaard is, al bijbetaald worden.

Ondanks dat het wel gezellig is zo'n festival hou ik er toch vaak een 'zozo-gevoel' aan over. Het zijn toch vaan week dezelfde standhouders met vaak min of meer dezelfde whiskies, écht veel nieuwe dingen hoor je niet en proef je ook niet en dan is het ook vaak weer de kwestie van het bijbetalen. Soms moet je een soort muntjes hebben (waar je weer voor in de rij moet staan), en vaak is het gewoonweg niet duidelijk.

De "usual suspects" die op dit soort festivals vrijwel altijd aanwezig zijn, zijn:
- Anker Amsterdam Spirits (o.a. Pig's Nose, Sheep Dip)
- Boomsma (o.a. Glen Talloch, Old Pulteney, Balblair)
- De Monnink Dranken (o.a. Benriach, Glendronach)
- Diageo Nederland (o.a. Classic Malts, Johnnie Walker)
- Intercaves BV (o.a. Bowmore, Glen Garioch, Auchentoshan, Suntory)
- Kintra (onafhankelijk bottelaar)
- Maxxium Nederland (o.a. Macallan, Highland Park, Grouse, Laphroaig, Balvenie)
- Pernod Ricard (o.a. Aberlour, Glenlivet)
- Van Wees (onafhankelijk bottelaar)
- WIN (o.a. Kilchoman, First Cask, Adelphi)
- Zuidam (zelfstandig Nederlandse distilleerderij)

Al met al een goede doorsnee van datgene wat op whiskygebied in Nederland verkrijgbaar is bij de reguliere slijter. Verder zie je vaak stands met diverse hapjes (bonbons, kaas) en T-shirts, kleding en whiskybladen. En uiteraard is er altijd wel ergens een 'doedelzakker' aan het spelen...



Potstill Amersfoort
Uitzondering hierop vind ik het Potstill festival. OK, echt heel bijzondere whiskies zijn er vaak niet, al moet ik zeggen dat ik de standhouders van The English Whisky Co. en Sullivans Cove nog nergens anders ben tegen gekomen. Positief vind ik ook de aanwezigheid van Van Wees als bottelaar. De laatste keer dat ik er was, was er een goede aanwezigheid van Glenfarclas (met een Potstill festivalbotteling). Erg gezellig, daarom ben ik er al drie keer geweest.

Hielander Alkmaar
Als kersvers inwoner van Noord Holland moest ik natuurlijk ook naar het regionale festival. Mooie locatie ook hier (waarom zijn al die festivals toch in een kerk?), vrij hoge toegangsprijs en ook moest er voor alles-iets-meer-dan-standaard al relatief veel bijbetaald worden. Al met al gaf dit toch een wat mindere 'finish'. Ik denk niet  dat ik hier nog eens naar toe ga.

Whisky Twente
Vrij klein qua opzet maar op zich wel gezellig. Opgezet door lokale/regionale slijters en waarbij het rijtje standaard drankenhandelaars en -importeurs aanwezig waren. Kans is klein dat ik (vanwege de verhuizing naar NH) hier nog eens terug kom.

Whisky Amsterdam
Dit was dit jaar (2012) voor mij de 1e keer dat ik hier kwam en ook hier wel een redelijk positief gevoel. De locatie is mooi, er kunnen sigaren geproefd worden in de kelder (niet gedaan overigens) en ook leuke standhouders. Mijn twee whiskyclubs waren ook allebei aanwezig, leuke stand van Maltstock (ook maar eens naar toe gaan) en het weerzien met de mensen van Loch Ewe was ook erg leuk. Nadeel: vrij hoge toegangsprijs. Volgend jaar weer? Wie weet.


Op de to-do-list:

WFNN
Het Whisky Festival Noord Nederland in Groningen heb ik al veel goede verhalen over gehoord. Ook dit weer in een kerk, misschien toch maar eens tijd voor maken om er naar toe te gaan.

Whisky & Rum aan Zee
Praktisch een lokale aangelegenheid, maar toch is het er nog niet van gekomen. Is niet in een kerk (...) en ik kan er op de fiets naar toe. Op 11 oktober 2014 staat de eerstvolgende editie op het programma.





maandag 10 februari 2014

Vatted malts

Wat single malts zijn mag ondertussen wel bekend zijn; malt whisky van één distilleerderij. Blends daar in tegen zijn een mix malt whiskies én graan whiskies, en meestal van verschillende distilleerderijen.

Maar wat nu als je alleen malts mengt met andere malts? Dit noemt men tegenwoordig Blended malts. Of vatted malts. Of pure malts. Deze laatste twee benamingen mogen tegenwoordig officieel niet meer gebruikt worden wanneer het Schotse malts betreft. Maar omdat blended malts naar mijn mening te veel verwarring oplevert ten opzichte van de blends, hanteer ik de benaming Vatted Malts.

Als genoemd zijn vatted malts een mix van malt whiskies van meerdere distilleerderijen. Heel veel producenten zijn eigenaar van meerdere ditilleerderijen, bijvoorbeeld William Grants & Son is eigenaar van Balvenie, Glenfiddich en Kinninvie. De eerste twee worden ook als single malts op de markt gebracht. In de Kininvie distilleerderij wordt op dit moment geen whisky meer geproduceerd, maar er liggen nog wel veel vaten in de warehouses. Wanneer je dan vaten van deze drie malt whiskies bij elkaar doet, dan heb je een Vatted Malt. Grants doet dit en verkoopt dit onder de naam Monkey Shoulder.

Black Bottle 10 years: een "premium" versie van de gewone Black Bottle. 
Maar stel nou dat je een mix maakt van Port Charlotte, Octomore en Bruichladdich? Alle drie Islay whiskies, de eerste twee zijn peated, de laatste niet. Toch zou dit dan een single malt zijn want ze worden alle drie in de Bruichladdich distilleerderij geproduceerd.

Hetzelfde geldt voor Springbank, Longrow en Hazelburn. Een mix van deze drie (BankRowBurn?) kan als single malt op de markt gebracht worden. Wordt er echter een theelepel (bij wijze van spreken) Kilkerran toegevoegd (van dezelfde eigenaar), dan is het opeens weer een vatted malt. Want: andere distilleerderij.

Dit truukje wordt veel uitgehaald door distilleerderijen die willen voorkomen dat hun product door onafhankelijke bottelaars op de markt gebracht wordt, dit om de merknaam te beschermen. Je moet je voorstellen dat vaten van verschillende distilleerderijen door heel Schotland opgeslagen worden. Dit is om risico's van bijvoorbeeld brand in een warehouse te beperken, er gaat dan niet een enorme voorraad verloren. Nadeel hiervan is dat het zicht en controle op de vaten minder wordt. Om nu te voorkomen dat er toch vaten door onafhankelijke bottelaars op de markt gebracht worden, wordt er een theelepel van een andere distilleerderij in een vat gedaan zodat dit niet als single malt op de markt gebracht kan worden. Dit noemt men "Teaspoonen".

Bekende vatted malts zijn de "premium" versies van een gewone blend, denk hiervoor bijvoorbeeld aan Johnnie Walker Green Label of Famous Grouse 15yrs. Deze liften als het ware mee op de bekendheid van de gewone blends maar bieden dan iets extra's qua smaak en algemene beleving.

JW Green Label: een van de bekendste vatted malts.

Toch schijnt het niet zo eenvoudig te zijn als het lijkt. Probeer maar eens een paar malts te mengen; het resultaat valt vaak tegen. Het schijnt dat graan whiskies in een blend de zaak beter binden waardoor de smaak verbeterd. Op de site vatted.net zie je een mooie lijst met omschrijvingen van de samenstelling van diverse vatted malts die die blogger zelf zijn samengesteld en de verhoudingen die gebruikt zijn.

Zelf heb ik, bij wijze van experiment (en met wisselend succes...), een paar vatted malts samengesteld:
- 1/2 Macallan 10yrs + 1/2 Laphroaigh CS 10yrs
- 1/2 Bladnoch 6yrs + 1/2 Glendronach 15yrs;   (slechte combinatie)
- 1/3 Talisker 10yrs + 2/3 Caol Ila 12yrs;   (goed)
- 2/3 Talisker 10yrs + 1/3 Caol Ila 12yrs;   (goed)
- 1/3 Talisker 10yrs + 2/3 Glenfiddich 12yrs.


zondag 26 januari 2014

Proeverij KCWS 24-01-2014: Blond versus Brown

Nee, het heeft niets te maken met haarkleur maar wel alles met vatrijping. Whisky van de zelfde distilleerderij gerijpt op een ex-bourbon vat versus gerijpt op een ex-sherry vat. Geen finishes maar gewoon weggelegd op een vat en daarna jaren met rust gelaten. Deze keer dus maar 3 distilleerderijen maar natuurlijk wel 6 whisky’s.



De eerste whisky’s komen van het niet erg bekende Glenglassaugh. Die onbekendheid is niet zo vreemd, Glenglassaugh is een van die distilleerderijen die in 1983-1986 tijdens de laatste grote periode van overproductie werd gesloten. Pas in 2007 ging Glenglassaugh weer open en 16 december 2008 ging de eerste spirit op vat. De whisky, Glenglassaugh Evolution en Revival, die we gaan proeven is dus nog een jonge whisky.



De eerste is dus een "blonde", de Glenglassaugh Evolution, 50%. Een jonge whisky, ongeveer een jaar of 5 oud, al staat het niet op de fles.
Neus: vanille, citrus. Fris.
Smaak: scherp, veel citrus. Merkbaar een jonge whisky, duidelijk onvolwassen en erg 'spirit-driven'. Prima om een avond mee te beginnen maar geen hoogvlieger. Zou 'm zelf ergens laag in de 70 punten geven.

De "brown" die er op volgt is de Glenglassaugh Revival, 46%.
Neus: waterig, merkbaar lager in alcohol (46%) dan de vorige (50%). Noten en rozijnen, beetje (sigaretten)rook.
Smaak: Steviger als verwacht afgaande op de neus. Toch nog steeds erg 'spirit-driven', meer jaren in het vat zou een stuk beter zijn. Punten: rond de 75.

Tussendoor volgen een paar hapjes. Deze keer een schijfje bloedworst met een stukje appel met kaneel. Beetje warm en erg lekker. Ze zijn dan ook snel op.



Linkwood is één van die whisky’s die door eigenaar Diageo bijna alleen voor blends gebruikt word. Voor een vergelijking tussen een blond en een brown fles is het dan ook leuk om te zien wat onafhankelijke bottelaars met deze whisky doen. Bijna hetzelfde alcohol percentage en bijna dezelfde leeftijd maken een vergelijking nog leuker.

De "blonde" is een botteling van Signatory, 13yrs, 46%. Een onafhankelijke botteling uit 3 bourbonvaten.
Neus: lekker volle neus, citrus en vanille, beetje muf, appels, grassig en behanglijm. Toch wel lekker.
Smaak: beetje waterig en zwak, afgaande op de volle neus valt dit een beetje tegen. Niet heel erg bijzonder.
Punten: tussen 75 en 80.



De "brown" is ook van een onafhankelijke bottelaar, Gordon & MacPhail, 15yrs. 43%.
Neus: matig, typische sherrytonen zijn wel aanwezig.
Smaak: erg zoet, ook weer een beetje gebrek aan alcohol waardoor deze weer waterig overkomt.
Punten: rond de 80.



De volgende ronde hapjes zijn eetbare bakjes met een garnalensalade. Erg lekker weer.



Aberlour staat bekend om zijn ex-sherry vat gerijpte whisky. De meest expressieve Aberlour is de Aberlour A’bunadh uitsluitend gerijpt op ex Oloroso-sherry vaten. Daar tegenover komt een single cask botteling, tijdens een bezoek aan de distilleerderij getapt uit een ex-bourbon vat.



De "blonde" van Aberlour is de Warehouse no. 1 botteling, bourbon cask. Zelf heb ik in 2012 voor de sherry-cask gekozen maar dit is dus die andere.
Neus: volle neus, typisch bourbon-cask. Deze is cask-strength dus zeker niet waterig.
Smaak: volle en zoute smaak, erg lekker, heeft wel een beetje water nodig.
Punten: rond de 85, misschien wel boven de 90.


De "brown" is er één van een bekende serie, de A'bunadh, batch 45 deze keer.
Neus: typisch sherry, the works. Soms wat muf.
Smaak: conform het bekende A'bunadh smaakprofiel, zware sherry-tonen dus.
Punten: rond de 90.

Als laatste hapje een hartige cup-cake, van kaas en ham. Erg lekker en vergeten er een foto van te maken.



De afsluiter van de avond is een extraatje vanwege de verjaardag van Tastemaster Peter: een Caol Ila G&M. Een beetje de uitzondering want deze is peated.
Neus: peat, maar niet zo agressief. Na 17 jaar in het vat zijn de scherpe kantjes er wel van af. Deze is finished in Madeira casks wat 'm nog wel wat extra's geeft.
Smaak: relatief zacht voor een peated.
Punten: rond de 85.


Leuke avond weer, erg gezellig gekletst met diverse mensen. De Aberlour bourbon-cask was voor mij de verrassing van de avond.